Ik ben Xamantha, 40 jaar, en vanaf mijn 14e ben ik in therapie geweest, met tussendoor wat halve opleidingen.
Door de jaren heen is mijn ziektebeeld steeds meer op de voorgrond komen te staan
en raakte ik erg vertrouwd met het wereldje dat psychiatrie heet.
Een bizarre, bijzondere wereld die me gevormd heeft.
Ik heb er veel geleerd, maar ben mezelf ook behoorlijk kwijtgeraakt.
Wie was ik ook alweer? Wie zou ik willen zijn?
Over die zoektocht schrijf ik hier.
Wees welkom om mee te lezen en te reageren!

Samen met 1 echtgenoot en 3 katten woon ik in een Betuws dorpje.
Ik verslind belachelijk veel boeken en ben graag creatief bezig.


donderdag 10 september 2009

Net nieuwe huid

Eerst maar eens een citaat van Doe Maar:

't is wel een beetje raar
tweeëndertig jaar
trillend op mijn benen

En luister nu eens naar de tekst van dit nummer van Spinvis:



Zo, nu heb je een beetje een idee van hoe ik ervoor sta.
Klinkt raadselachtig en dat is het ook.
Nee, ik ben niet spontaan genezen en ik ben ook niet bekeerd, maar ergens in mijn bewustzijn is een nieuwe trilling ontstaan. Heel klein, heel zachtjes en in eerste instantie onopgemerkt. Er trilt tenslotte wel vaker iets in mijn volle hoofd.
Toen ik het begon op te merken, heb ik er wel eens over gepraat. Gesprekken over hoop, over kansen, over je openstellen voor dingen die op je pad komen.
Durfde er niet te diep op in te gaan, bang dat het als een zeepbel uiteen zou spatten als ik het zou proberen te grijpen. Bang om te hopen, te verwachten ook.
Hoe vaak is het al niet gebeurd dat ik hoge verwachtingen had en alles als zand door m'n vingers zag verdwijnen? Die ervaringen hebben littekens achtergelaten, zowel op mijn huid als op mijn ziel. Ze zullen vervagen, maar nooit helemaal verdwijnen. Hoeft ook niet; het zijn aantekeningen van de lessen die het leven me heeft geleerd.

Er is iets gaande, ik kan er niet omheen.
Een van de dingen die ik heel sterk voel, is de drang weer in het Nederlands te gaan schrijven, vandaar deze blog. Voorlopig alleen voor mezelf, ik zie wel wat er verder uit voortkomt.

Als kind wilde ik graag net zo mooi bruin worden in de zon als de kinderen om me heen. Ik heb donker haar, maar de huid van een roodharige. Ik werd dus ook niet bruin, alleen maar rood. Zomer op zomer heb ik het geprobeerd: stug in de zon gaan liggen en het brandende gevoel op m'n rug en in m'n knieholten negeren.
Na zo'n dag stond m'n huid echt in brand, vaak ook verschenen er blaren.
Een dag of twee later begon de jeuk en wist ik dat het weer eens was mislukt en dat ik ging vervellen. Dat stomme verbrande vel moest er zo snel mogelijk af, ik schaamde me er diep voor. Dus in plaats van af en toe krabben en de cellen hun gang laten gaan, zocht ik de eerste vervellende plekjes op en peuterde net zolang tot ik dat vieze vel los kon scheuren.
Ik ben al jaren niet meer zo erg verbrand, maar het gevoel van die kwetsbare rozige huid zit nog in elke vezel van mijn fysiek geheugen; bloter dan bloot voelde dat, onwennig, gevoelig en behoorlijk pijnlijk. Het fascineerde me enorm.

Zo voel ik me nu. Mijn hele zijn maakt zich los van zijn oude huid en het kost me moeite mijn geduld te bewaren. Ouder en iets wijzer realiseer ik me dat mijn nieuwe huid nog kwetsbaar is en dat ik het proces niet moet gaan bespoedigen. Mooie oefening in geduld.
Maar wat ben ik nieuwsgierig naar wat er tevoorschijn zal komen!
Dit is het soort eng dat vlinders in je buik veroorzaakt :)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen