Ik ben Xamantha, 40 jaar, en vanaf mijn 14e ben ik in therapie geweest, met tussendoor wat halve opleidingen.
Door de jaren heen is mijn ziektebeeld steeds meer op de voorgrond komen te staan
en raakte ik erg vertrouwd met het wereldje dat psychiatrie heet.
Een bizarre, bijzondere wereld die me gevormd heeft.
Ik heb er veel geleerd, maar ben mezelf ook behoorlijk kwijtgeraakt.
Wie was ik ook alweer? Wie zou ik willen zijn?
Over die zoektocht schrijf ik hier.
Wees welkom om mee te lezen en te reageren!

Samen met 1 echtgenoot en 3 katten woon ik in een Betuws dorpje.
Ik verslind belachelijk veel boeken en ben graag creatief bezig.


donderdag 26 november 2009

Fijne post!



Hoera, de kaartjes zijn binnen! Op 21 december zijn we 3 jr getrouwd en 12 jr samen, dat gaan we vieren in Rotterdam bij de Grande Finale van Frédériques tournee 'Best Of'. Zin in!
En Omroep Gelderland verraste me met een gewonnen boek, de eerste Dwarsligger die ik in handen heb. Ook zin in!

maandag 23 november 2009

Ik ben er!!!



*vreugdedansje*
Het is me gelukt! Ik heb iets afgemaakt!

99,9%


Nog 54 woorden, dan is mijn doel van 50.000 bereikt! Even genieten van dit moment, zo vlak voor de finish :)
Mijn verhaal heeft inmiddels een romp, handen en voeten gekregen, maar af is het zeker nog niet. Er komen op z'n minst nog wat hoofdstukken bij en daarna valt er nog heeeeel veel te schrappen, schaven en opnieuw te schrijven. Ik probeer me nog steeds niet te richten op 'het moet een boek worden', maar op het plezier van het schrijven en het zien groeien van m'n verhaal. Lukte tot nu toe aardig, maar nu beginnen me toch behoorlijk wat gedachten als 'zou het dan toch?', 'is dit leesbaar genoeg?' en 'stel je voor...' te bekruipen. Wie weet, wie weet. Wat ik zeker weet, is dat ik nu de laatste scene voor vandaag uit ga werken en die zal beslist meer dan 54 woorden bevatten...op naar de finish!


zaterdag 21 november 2009

Pffff

De woorden moeten vandaag van ver komen, zit al vanaf vanmorgen te schrijven en de teller staat op 383 woorden...plus een Sinterklaasgedichtje (ben HulpDichtPiet voor 't goede doel -Conventie-), maar dat krijg ik niet in m'n verhaal gepropt ;)

Gisteren trouwens superfijne post: de man van m'n beste vriendin stuurde me een pakje (heerlijke meditatie-cd's) om te zeggen dat ze zich gesteund voelen, terwijl ik me weer eens af zat te vragen of ik er wel genoeg ben voor hun in deze heftige tijden. Heel erg fijn om op zo'n manier de piekergedachten te kunnen ontkrachten! Behoorlijk onzeker de laatste tijd over mijn betrokkenheid bij anderen nu ik zelf in zo'n groeiproces zit, steeds 't gevoel alleen maar met mezelf bezig te zijn. Het helpt om het uit te spreken, dan kunnen anderen er zo nodig op ingaan en soms blijken de dingen die in mijn hoofd al olifanten geworden zijn slechts kleine muggetjes te zijn.
Goed, waar is de vliegenmepper?

vrijdag 20 november 2009

Vrolijke noot

Zomaar efkens een liedje waar ik heel blij van word :)

woensdag 18 november 2009

Ontdekkingsreis

Wat is schrijven een bijzonder en bizar fenomeen en wat voelt het als thuiskomen om er zo intensief mee bezig te zijn deze maand. Ik kan mijn omgeving niet garanderen dat ik stop met de dagelijkse schrijfsessies als november voorbij is...;)

Ik begon mijn verhaal als fictie, had een plot in m'n hoofd voor een thriller die zich af ging spelen in de psychiatrie, met als hoofdlijnen de zoektocht naar een verdwenen therapeut en de beklemmende groepsdynamiek die kan ontstaan binnen een besloten groep.

Mijn plan was te beginnen met een scene uit mijn eigen leven, die ongeveer anderhalf jaar geleden plaatsvond: wakker worden in een ziekenhuis en denken dat je je man en kinderen hebt omgebracht. De wanen en hallucinaties die toen over me heen denderden zijn me zo enorm bijgebleven dat ik nog altijd het idee heb er iets mee te moeten. Of willen eigenlijk.

Nu doe ik er iets mee, ben er al ruim een halve maand iets mee aan het doen: mijn november novelle.
Eenmaal begonnen aan het verhaal, begon het verhaal te leven en liet zich moeilijk sturen. Het sturen heb ik dan ook opgegeven, als een soort experiment: laat maar komen die woorden, ik zie wel waar ik uitkom, wat eruit komt.
Er komt heel veel uit!
Er heeft zich een heel nieuwe verhaallijn uitgesponnen die me verbaasde, een plot over verspilde jaren in een leeg huwelijk en de gevolgen daarvan. Die grote lijn is fictie, dat mag duidelijk zijn, maar de fictie ligt inmiddels diep ingebed in autobiografische scènes. De voorraad dramatische fragmenten in mijn geheugen lijkt vooralsnog onuitputtelijk, ik kan voor elke scene wel een fragment vinden dat bijdraagt aan het verhaal.

Het is fijn om iets met al die oude shit te kunnen doen; kan er eindelijk iets positiefs mee. En door te schrijven over dingen die soms al vele malen verteld zijn, maar vaker nog haast onbesproken zijn gebleven, merk ik dat er een stuk verwerking op gang is gekomen. Dat is heftig, dat doet pijn, maar het is te behappen omdat het in porties gaat en ik aan het eind van de dag die verhalen kan laten waar ze zijn: in een mapje op de computer waar ik na vijven niet meer kom. Dat kan helemaal op eigen tempo, want er zijn ook scenes nodig voor het verhaal die veel minder met mijzelf te maken hebben. Zo kan ik zelf bepalen of ik aan de gang ga met oud zeer of dat ik meer trek heb in een stukje sappige fictie. Dat blijft een genot, die vreemde dialogen, messcherpe randjes en subtiele overgangen bedenken.

Tijdens wat Google-research over de toestand waar ik destijds in beland ben (het is toch handiger om te weten welke symptomen nou bij die toestand hoorden en welke terug te voeren waren op persoonlijkheid en omstandigheden) ben ik tot een opmerkelijke ontdekking gekomen: er is een naam voor wat ik had, het was niet zomaar een losse verzameling klachten. Destijds zijn me drie verschillende (nieuwe) diagnoses opgeplakt: psychose, delier en dissociatieve stoornis. Psychose en dissociatieve stoornis waren niet helemaal nieuw; beide staan onder de noemer “trekken van ...” in mijn dossier. Van wat ik later opgezocht heb, bleek delier het meest van toepassing te zijn.
Dus daar nog eens over gaan lezen en toen stuitte ik op het serotoninesyndroom. Wow, wat kunnen puzzelstukjes toch plots op hun plaats vallen! Zelfs de epileptische insulten en de rode kleur van mijn huid destijds worden benoemd...
Enfin, op zich doet het er niet zo toe welke naam je het beestje geeft, maar voor het beschrijven van die gebeurtenissen is het fijn een kader te hebben.

Ik ga niet verder in op de verhaallijn, die houd ik voorlopig lekker voor mezelf, maar er was nog een ontdekking die wellicht voor buitenstaanders (als ze mee hadden mogen lezen) niet onverwacht zou zijn, maar mij even deed duizelen: heel het verhaal staat symbool voor mijn inmiddels lange 'huwelijk' met de psychiatrie en het losmaakproces waar ik in beland ben.

Die vergelijking kwam in me op toen ik een cd van Dream Theater op had staan. Het nummer “Hollow Years” heeft een vriend mij ooit gestuurd en het raakte me op dat moment, al ging de vergelijking ietsje mank: mijn leven is niet leeg ondanks de leegte binnenin, eerder tot aan de rand gevuld met emotionele achtbanen.

Ik hoorde het nummer weer en bedacht me hoe goed het paste bij de situatie van mijn hoofdpersoon: lege jaren die met veel geraas neerkletteren en vooral de bewustwording daarvan. Heb een stuk van het liedje verwerkt en ben daarna verder gegaan met een ander hoofdstuk. Tot dat nummer weer voorbijkwam (cd's staan meestal op repeat bij mij) en ik me realiseerde dat de tekst wel degelijk op mij van toepassing was. Niet zozeer op mijn gevoelsleven, maar op het jarenlang rond blijven dwalen tussen therapieën, opnames en hulpverleners. Zeker geen lege jaren qua inhoud, maar wel qua uitzicht: het leek zo doelloos, er was geen toekomst om voor te gaan.

Nu is er toekomst. Onzeker, onwennig en er zijn nog heel veel hobbels te nemen, maar het begin is er.

Als ik voor het eind van de maand de grens van 50.000 geschreven woorden weet te bereiken, dan mag ik mijn NaNoWriMo-battle officieel als “gewonnen” aanduiden. Spannend, die grens, bijzonder om te merken dat ik tot nu toe behoorlijk gedisciplineerd heb kunnen werken, gaaf om straks een heus boek geschreven te hebben, maar gewonnen heb ik allang. :)


maandag 16 november 2009

Hoezo pauzes?

Vandaag weinig puf, maar wel een stuk in mijn hoofd voor m'n novel dat geschreven wilde worden. Dus: koffie, energydrink erachteraan, peuken bij de hand en Write or Die opstarten. Hoewel ik een paar keer ben gestopt om een peukje op te steken, nieuwe koffie te halen en katten binnen/buiten te laten, is het geschrijf er in één lange sprint uitgekomen. Zeker niet mijn favoriete manier van schrijven, het is me te haastig, maar nu moest het blijkbaar even. Het stuk is vanuit mijn hoofd overgeheveld naar de computer en ik ben klaar voor vandaag. Honger!

vrijdag 13 november 2009

Nachtelijke Glimlach

De laatste tijd gaat het slapen zeldzaam goed, maar vannacht is weer zo'n nacht. Woelen, draaien, piekeren, teveel onrust om te blijven liggen. Even eruit, wat afleiding, peukje roken.
En dan vind je zo'n pareltje in je mailbox. Ik was vergeten dat ik deze muziek zo mooi vond, zit er met kippenvel en een grote glimlach naar te luisteren.
Het slapen gaat wel lukken nu. :)

donderdag 12 november 2009

Ah, dat verklaart!

Ik zat me al af te vragen waarom mijn schrijfwerk vandaag zo'n medisch tintje heeft en het plot richting Robin Cook begint te neigen (wat het is, weet ik niet, maar ik verslind die medische thrillers tegenwoordig bij bosjes). Tot ik net een spiegel voorbij liep en zag welk shirt ik vanmorgen blijkbaar uit de kast heb getrokken: medische termen all over en de naam staat er nog bij ook! xD

Hmm, morgen dan maar een sluier ergens opduikelen als mijn hoofdpersoon terugblikt op haar trouwdag?


Ondanks een onwillig lijf toch redelijk okay geschreven vandaag, ben de 30.000-grens voorbij. Het begint er zowaar op te lijken dat ik eindelijk een boek aan het schrijven ben! Of nou ja, een begin aan het maken ben, want er zal heel wat geschrapt en geschaafd moeten worden voordat ik het uberhaupt aan iemand zal laten lezen ;)

dinsdag 10 november 2009

Herstellen doe je zelf

Soms maakt de vooruitgang me bang, is het wel echt? Het gaat dan inmiddels al wel een tijdje beter met me, maar hoe zo'n incident mij dan weer helemaal uit evenwicht brengt draagt niet bij aan hoop & vertrouwen.


Gaat het echt beter, is het niet een luchtkasteel waar heel mijn omgeving hoopvol aan meebouwt? Zie ik de dingen zoals ik ze wil zien? Een vlaag van hoop kan zoveel verwachtingen scheppen en dat maakt me bang.

Bang dat ik alles weer als zand door mijn vingers zie glippen, bang dat de teleurstelling straks zo groot zal zijn dat ik het niet kan bevatten en door ga draaien.

Misschien is het wel eenvoudiger om niet te dromen, geen hoop te koesteren en me te verschansen in mijn fort terwijl het leven voorbij gaat, gewoon te wachten tot het over is. Dan weet je tenminste waar je aan toe bent.



Anderzijds ben ik het ook spuugzat om elke keer weer die dreigende dalende lijn in m'n rug te voelen prikken, me te moeten verdedigen tegen terugvallen.



Tussen hoop en vrees leef ik nu en ik vind er geen zak aan. Het lijkt alsof ik moet kiezen tussen die twee. Vrees is een oude vriend. Eigenlijk mag ik die vriend niet eens heel graag, maar met hem weet ik waar ik aan toe ben, hij is voorspelbaar en toegewijd. Zelfs in periodes dat de hoop zegeviert, voel ik de vrees trouw aan mijn zijde lopen. Ik hoef me alleen maar om te draaien en zijn hand te pakken en dan wordt alles weer zoals het was: leeg en kil, maar wel vertrouwd. Ik heb zo lang in leegte geleefd dat elk nieuw stukje leven en invulling bedreigend voelt. Het past nog niet, de puzzelstukjes willen niet in elkaar klikken. Het is anders, het is eng.



In het begin van de hoop voelde het als spelen. Net doen alsof je leeft. Best leuk om daar even van te proeven, maar toen het menens werd ging het hard opeens en werd ik meegesleurd in een golf van vernieuwing, een wind of change. Ik ben hard aan het leren zwemmen, maar ga ik mijn hoofd boven water houden? Zal ik ooit zelfverzekerd op de golven van het leven drijven zonder in paniek te raken?



Ik ben alert nu. Moet echt goed op mezelf letten en niet uitglijden. Rustig blijven lopen, blijven ademen en toch maar proberen te vertrouwen op een goede afloop.



Nog zo'n dal overleef ik niet. Denk ik.

Maar ja, dat heb ik al eerder gedacht, ik heb ook mijn best gedaan het niet te overleven, maar ik ben er nog. Op elke wond is een korstje gegroeid, weer een ervaring rijker.



En ook: het is verrekte moeilijk om toe te geven dat je op het randje balanceert. Aan jezelf, maar ook aan anderen, die inmiddels zo met je mee hopen, die verwachtingen zijn gaan koesteren. Ik wil niemand teleurstellen, ik wil ze gelukkig zien.



Stomme klote-realiteit. Ik besef maar al te goed dat ik aan de bel moet gaan trekken, maar het is nog een hele kunst m'n arm uit te steken naar die bel. Mijn trots zit in de weg, mijn verse nieuwe trots.



Ik heb een tijdlang gedacht dat ik aan het genezen was. Een rotwoord, genezen, het dekt ook niet helemaal de lading. Herstellen is het meer, herstellen van zo lang uitgeschakeld zijn.

Herstellen doe je zelf.

Leuk hoor.

maandag 9 november 2009

NaNoWriMo, waarom in hemelsnaam?



  Waarom doen Wrimo's (deelnemers NaNoWriMo) zichzelf dit toch aan? Wat is het nut? Ik begrijp dat het vragen oproept, precies dezelfde vragen die bij mij opkwamen toen ik voor het eerst van het project hoorde. Ik kan hier wel naar de FAQ op de officiële site verwijzen, maar die is vrij lang. Hier zijn enkele fragmenten die in mijn ogen de essentie van Nano weergeven. Bron: http://www.nanowrimo.org/nl/faq

Waarom doen jullie dit? Wat halen jullie hieruit?

NaNoWriMo gaat allemaal om de magische kracht van deadlines. Geef iemand een doel en een doelgerichte gemeenschap en wonderen moeten wel gebeuren. Taarten worden in recordtijd weggewerkt. Alfalfa zal als nooit tevoren geoogst worden. En romans zullen in maand geschreven worden.

We organiseren NaNoWriMo deels om gewoon een boek geschreven te krijgen. We houden van de extraatjes die romanschrijvers worden toebedeeld. Voor één maand per jaar mogen we broeien en tekeergaan, en een grote troep van onze appartementen maken en veel koffie drinken op rare tijden. And we mogen dit allemaal luidkeels doen, in de aanwezigheid van andere mensen. Hoe bevredigend het ook is om diep in jezelf te reiken en er een onverwacht redelijk kunstproduct uit te voorschijn te halen, het is net zo bevredigend (of misschien wel bevredigender) om dit proces te mogen dramatiseren in gezelschap.

Maar de periode van kunstzinnig toneelspel is erbarmelijk kort. De andere reden waarom we NaNoWriMo doen is omdat de gloed van het maken van grootse, knoeierige kunst, en anderen grootse, knoeierige kunst zien maken, een lange, lange tijd blijft. De daad van het aanhoudend creëren doet bizarre, magnifieke dingen met je. Het verandert de manier waarop je leest. En het verandert, een heel klein beetje, je zelfbewustzijn. Dat vinden we leuk.

Waarom zou ik nu 50.000 woorden rotzooi schrijven? Waarom kan ik niet later een echt boek schrijven als ik meer tijd heb?

Hier zijn drie redenen voor.
1) Als je het nu niet doet, doe je het waarschijnlijk nooit meer. Een roman schrijven is meestal een “eens” gebeuren. Als in “Eens wil ik een roman schrijven.” De naakte waarheid: 99% van ons, als we op onszelf terug moeten vallen, zullen nooit tijd vrijmaken om een roman te schrijven. Het staat zo ver van ons normale leven af dat het voortdurend naar het einde van onze to-do lijstjes afzakt. De structuur van NaNoWriMo dwingt je om al je zelfvernietigende zorgen weg te stoppen en te BEGINNEN. Wanneer je de eerste vijf hoofdstukken achter de rug hebt, komt de rest vanzelf. Of met moeite. Maar het komt. En je zult vrienden hebben die je helpen om vol te houden tot de 50.000.
2) Laag inzetten is de beste manier om tot een succes te komen. Bij beginnerniveau romanschrijven is het inzetten op een meesterwerk de beste manier om niet vooruit te komen. Met hoge verwachtingen zal alles wat je schrijft cliché en knullig lijken. Wanneer je je werk bekijkt met het oog op woordentelling, haal je heel wat druk van jezelf af. En je zult jezelf verbazen met een geweldige dialoog hier en een ingenieuze plottwist daar. Personages zullen dingen doen die je nooit had verwacht waardoor je verhaal naar plaatsen zal gaan die je niet had kunnen voorstellen. Er zal een heleboel onverteerbaar proza zijn, ja. Maar tussen de pulp zal er schoonheid zijn. Een heleboel.

3) Kunst om de kunst doet geweldige dingen met je. Het maakt je aan het lachen. Het maakt je aan het huilen. Het maakt je slaperig en laat je naar buiten gaan in rare broeken. Iets doen, gewoon om het te doen is een geweldig medicijn tegen alle taken en “moeten-doens” van het dagelijks leven. Het schrijven van een roman in één maand is zowel enerverend als stom, en we zouden ons allemaal beter voelen als we eens wat vaker spontane stommiteiten toelieten in ons leven.

donderdag 5 november 2009

Mama, mag ik schrijver worden?

Ik moet opeens denken aan mijn allereerste open sollicitatie. Ik weet niet of ik al op de middelbare school zat, volgens mij nog niet. Ik schreef gedichten en verhalen die ik met veel moeite uittypte op de zware schrijfmachine van mijn vader. Herinner me nog hoeveel kracht ik met die kleine vingers moest zetten voor een mooie aanslag. Het moest in een keer goed, anders kreeg je zo'n dubbele letter en zag iedereen dat je die over had gedaan.


Een van de verhalen ging over een zelfmoordterrorist. Toen al! Een oud mannetje, dat door artsen seniel verklaard was bouwde dag na dag aan een bom. In mijn kinderfantasie had hij daar allerlei mechanische onderdelen voor nodig. Mensen uit de buurt brachten hem die, in de veronderstelling dat hij oude wekkers en klokken repareerde. Dat was natuurlijk een prima dekmantel, maar één van de buurtkinderen, een klein meisje dat verdacht veel op mij leek, had het door. Ze wist dat het oude mannetje gepest werd en ze wist ook precies hoe hij zich voelde, want ze werd zelf ook gepest. Als ze bij het oude mannetje thee kwam drinken, waren haar kleren vaak gescheurd. Het mannetje knikte dan meewarig en gaf haar nog een koekje.

Uiteindelijk had het mannetje een gevaarlijk onderdeel nodig voor zijn bom, met dat onderdeel zou het snoezige klokje dat hij bouwde veranderen in een moordwapen. De vader van het kleine meisje werkte bij een groot bedrijf waar ze bommen maakten en hij nam nogal eens wat mee naar huis. Haha, werkte mijn vader soms over in die tijd, bracht hij werk mee naar huis?

Het meisje kon op die manier aan het onderdeel komen en bracht het, verstopt in een mandje koekjes, naar het mannetje. Ik heb geen idee hoe het onderdeel eruit zag, ik weet alleen nog dat het zwaar was en dat het meisje veel moeite moest doen het mandje te dragen alsof het licht was.

De volgende dag deed het mannetje opeens gemeen tegen haar en stuurde haar weg. Ze rende overstuur weg en verstopte zich op een bouwput, waar een ondergrondse bunker was. Ze bleef daar tot haar tranen en koekjes op waren en toen drong tot haar door waarom het mannetje haar had weggejaagd: de tijd was gekomen om de bom af te laten gaan.

Het meisje had een babyzusje (okay, nu weet ik dat ik een jaar of 10 geweest moet zijn tijdens het schrijven, ik was zwaar onder de indruk van mijn pasgeboren zusje en wilde haar beschermen tegen vanalles) en dat zusje mocht natuurlijk niet doodgaan. Er volgde een scene waarin het meisje eerst haar zusje in veiligheid bracht en zich realiseerde dat ze ook niet wilde dat de rest van haar gezin dood zou gaan. Er zat niets anders op dan naar het oude mannetje gaan en hem te vragen de bom onklaar te maken. Het was immers een bom die de hele wereld weg zou vagen, het had geen zin om iedereen in veiligheid proberen te brengen.

Het mannetje zat hardop af te tellen toen het meisje binnenkwam, er was niets meer aan te doen, de bom kon elk moment afgaan. Het meisje moet van asbest zijn geweest, want toen zij zich op het laatste moment op de bom wierp, waren zij en het mannetje de enige personen die stierven.

Vanuit de hemel keken ze tevreden naar de wereld beneden, waarin haar ouders wel verdrietig waren, maar gelukkig hadden ze elkaar en het zusje nog. Het meisje liet het soms sneeuwen en als haar ouders dan naar de sneeuwvlokken keken, wisten ze dat het meisje ze had gered.



Voer voor psychologen, dat verhaaltje, maar die kwamen pas later in mijn leven.

Ik heb het verhaaltje samen met een paar gedichtjes opgestuurd naar een uitgeverij. Ik schreef ze in de begeleidende brief dat ik elke dag zo'n verhaal voor ze zou kunnen schrijven plus een gedicht. En als de verhalen niet zo goed hoefden te zijn, dan kon ik er wel twee per dag schrijven, plus twee gedichtjes!

Ik hoopte dat als ze mijn verhaal lazen, ze achterover sloegen van verbazing en me als een goudmijntje zouden zien. Ik zou niet meer naar school hoeven en kreeg mijn eigen typemachine. Het was slechts een kwestie van tijd voordat de kasten van de bibliotheek gevuld zouden zijn met mijn boeken. En als ik tijd overhield, zou ik zelfs tekeningen maken, zodat alle boeken plaatjes zouden hebben. Dan klopten de illustraties tenminste met mijn fantasie.



Een meneer van Querido schreef me terug, dat ik vooral door moest gaan met schrijven en dat hij het leuk vond dat ik zo enthousiast was. En dat als ik een boek geschreven had, hij het graag wilde lezen.

Ik probeerde nog tussen de regels door te lezen dat die eigen typemachine er echt aan zat te komen en dat ik hun beste schrijver zou worden, maar de teleurstelling was te groot. Het verhaal, dat de Querido-meneer me retour had gestuurd, verdween onderin een la van mijn gele bureau.

Pas 's avonds in bed bedacht ik me dat hij het gedicht niet teruggestuurd had. Hoop vlamde op en vol verwachting viel ik in slaap. Ik zou dichter worden...




Het pukkie op de foto ben ik en de typemachine is ongetwijfeld die van m'n vader. Geen idee of het dezelfde is waarop ik mijn verhaaltjes uittikte, een jaar of acht á negen later.
Een tijd geleden kwam ik deze foto tegen in m'n (rommelige) archieven en toen ik aan het NaNo-project begon, kon ik me geen betere schermafbeelding voorstellen. Ergens ben ik nog steeds dat kleine meisje, dat droomt van een leven als schrijver. Een eigen typemachine heb ik gelukkig al, nu nog even al die boeken schrijven voor in de bieb ;)

dinsdag 3 november 2009

Dat voelt lekker!


Even schrijven over schrijven


Een stukje over schrijven schrijven terwijl je nog niet aan je schrijfdagquotum zit, daar heb ik even zin in. Even wat contact maken met de buitenwereld en toch in de flow blijven.

De tellertjes van de NaNo-site doen het (nog?) niet, dus ik heb er zelf maar eentje gemaakt. Het konijntje is een plotbunny, een raadselachtig diertje dat geadopteerd is door WriMo's (deelnemers aan NaNoWriMo) wereldwijd. Ik ben te lui om het uit te leggen, klik maar op de link ;)
Anyway, ik heb inmiddels kennisgemaakt met deze beestjes (m'n verhaal gaat alle kanten uit, behalve de kant die ik als doel had), dus krijgen ze een plaatsje op mijn tellertje.

Ik schreef het al eerder: ik ben een schrappende schrijver (is daar al een Suske & Wiske over), zoek graag lang naar de juiste woorden en ben ontzettend kritisch op eigen werk. Wellicht is dat ook de reden dat dingen vaak onafgemaakt blijven liggen bij mij: er zit niet veel schemergebied tussen perfect en mislukt. De dood of de gladiolen zou mijn liefje zeggen (steekt tong uit naar liefje). Als ik van mijn zelfopgelegde beperkingen af wil, zal ik dat schemergebied moeten verkennen en dat is precies wat NaNo voor mij doet!
Het tempo is laag, zo'n 500 woorden per uur, maar ik heb alle tijd. Geestelijk gek zijn in het hoofd heeft in mijn geval een groot voordeel: de overheid erkent het als fulltime baan en betaalt me ervoor. Belachelijk eigenlijk dat ik al dat overwerk en de onregelmatige uren niet uitbetaald krijg...;)

Wat ik zeggen wilde: ik heb erg veel plezier in dit schrijfproject!
Ik begon met een plot dat nog vol gaten zat, maar ik merk dat het verhaal een andere kant opgaat, een kant waar ik veel meer van mezelf kwijt kan. Het wordt een mix van autobio en fictie en ik vermoed dat er nog een sausje thriller overheen gaat. Of misschien wel drama.
De psychose die ik anderhalf jaar geleden beleefde is een prima beginscene en het is grappig om daar andere karakters aan toe te voegen, met ze te spelen. Soort van De Sims, maar dan in tekst :)

En nu zit ik uit te stellen, merk ik. Ik heb allang gezegd wat ik wilde zeggen, maar mijn vingers willen niet stoppen met typen.
Ik ga mezelf wat Butthurt  toebrengen en dan op naar de 5000-grens die ik vandaag wil halen!

Ps: de voortgang is wat uitgebreider te volgen op mijn NaNo-pagina (<-klik). Het tabblad NaNo Stats is de moeite waard als je van statistiekjes houdt (steekt weer tong uit naar lief)...

maandag 2 november 2009

Nederland is inderdaad vol...


...stampvol met vooroordelen, gemakkelijke generaliseringen en ontzettend domme & kortzichtige mensen.
Hoe kun je in hemelsnaam zó praten over mensen, hoe kun je met droge ogen beweren dat "ze" allemaal hetzelfde zijn, dat "ze" jouw fijne landje verpesten en dat "ze" alles overnemen? Hoe kun je zo kortzichtig zijn? Zie je dan niet dat je zelf niet bepaald bijdraagt aan de maatschappij als je zo vol haat praat over anderen? Anderen die je niet eens kent, maar over wie je wel een mening hebt op grond van hun afkomst, hun geloof en hun huidskleur. Hoe kún je?! Snap je dan niet dat je deze haat overdraagt op bijv je onschuldige kleinkinderen, die het vervolgens weer verder verspreiden?

Ik schrik ervan, elke keer weer. Zoveel haat, zoveel onverdraagzaamheid. En vooral: het lijkt zo normaal geworden. Je kunt gewoon tijdens de koffie roepen dat alle Marokkanen het land uit moeten en niemand kijkt er vreemd van op.
Ik klap dicht op zo'n moment.
Vanmorgen heel hard geprobeerd rustig te blijven en met argumenten tegen de stroom in te zwemmen. Het helpt niet, boven zulk geschreeuw kom je gewoon niet uit.
Ben ff weggelopen in de hoop dat het gesprek een andere wending zou nemen, maar toen ik terugkwam was het alleen maar erger geworden. Nogmaals geprobeerd er iets tegenin te brengen, maar ik kan er niet tegenop als iemand zegt dat "ze" altijd, overal en elke dag hetzelfde zijn. Tja, wat kun je daar nog tegenin brengen, dan is er toch geen gesprek meer mogelijk?

Misschien heel raar, maar mijn normen zijn dit niet en ik ga de schijn niet ophouden dat ik dit normaal vind. Het maakt me razend en kotsmisselijk. De wens om te emigreren wordt groter en groter en ik kan maar niet begrijpen dat zoveel haat zomaar getolereerd wordt.
Als ik je praatjes zou herhalen en het woord 'Marokkanen' zou vervangen door 'christenen' of 'joden' zou je woest zijn, zou iedereen stilvallen en geschokt zijn.

Ik doe verdomd hard mijn best om andermans manier van leven te begrijpen en te accepteren en soms is dat moeilijk, bijvoorbeeld met de gereformeerde cultuur in dit gebied. Daar snap ik weinig van, maar ik zal je niet links laten liggen om zo'n onbenullige reden. Sowieso ben ik het oneens met de meeste christenen, maar dat hoef ik toch niet van de daken te schreeuwen en ik hoef toch ook niet elke christen te overtuigen van mijn idee dat er geen god is? Ik vind het prima dat jij je geloof hebt, vind het fijn dat je er iets aan hebt, zolang ik zelf mijn eigen visie mag hebben. Ieder z'n keuze, toch?

Voor sommige dingen kies je echter niet. Je kiest er niet voor om geboren te worden als homo en evenmin kies je de kleur van je huid of het moederland van je ouders. Je kiest er niet voor om schizofreen te zijn of een angststoornis te hebben. Maar je kunt wel kiezen om te leven vanuit je hart, mensen als individu te zien en verschillen te accepteren in plaats van er bang voor te zijn. Want daar komt jouw haat vandaan: angst, pure angst.
En weet je, ik ben ook bang.
Bang voor welke kant deze maatschappij opgaat, bang voor al die angstige mensen die achter hun geblondeerde leider aanrennen. Als ik mij door die angst laat overnemen, sta ik straks net zo te schreeuwen als jij. Ga ik roepen dat jullie kortzichtigen allemaal het land uit moeten, want jullie nemen mijn landje over.

Dikke lul, drie bier.
Ik ga niet mee in jouw angst en ik schaam me er niet voor dat ik jankend op de bus sta te wachten na zo'n gezellige koffiepauze. Ik trek m'n eigen plan en ik weiger het nog langer voor me te houden.

Zo, en nu ben ik m'n woede weer even kwijt.
Misschien nog steeds niet het juiste moment om een functie bij Art.1 of soortgelijke organisaties te ambiëren ;)


ps: zoiets doet dan wel weer heel erg goed: