Ik ben Xamantha, 39 en vanaf mijn 14e ben ik in therapie geweest, met tussendoor wat halve opleidingen.
Door de jaren heen is mijn ziektebeeld steeds meer op de voorgrond komen te staan
en raakte ik erg vertrouwd met het wereldje dat psychiatrie heet.
Een bizarre, bijzondere wereld die me gevormd heeft.
Ik heb er veel geleerd, maar ben mezelf ook behoorlijk kwijtgeraakt.
Wie was ik ook alweer? Wie zou ik willen zijn?
Over die zoektocht schrijf ik hier.
Wees welkom om mee te lezen en te reageren!

Samen met 1 echtgenoot en 3 katten woon ik in een Betuws dorpje.
Ik verslind belachelijk veel boeken en ben graag creatief bezig.


vrijdag 23 december 2016

Leven na seksueel geweld

(dit is een blogbericht van 16 december)
Vandaag ben ik actief op Twitter om samen met heel veel lotgenoten, omstanders en zelfs onbekenden seksueel geweld weer even flink op de kaart te zetten. Niet om zielig te zijn, niet om zelf aandacht te krijgen, maar om een signaal af te geven: seksueel misbruik gebeurt overal om je heen. Slachtoffers zwijgen vaak. Omdat ze op dat moment bedreigd worden (“dit is ons geheimpje”, “als je hierover praat maak ik je kapot”), maar ook omdat ze zich er later voor schamen en nog steeds de macht van de dader voelen. En zwijgen maakt heel veel kapot.

Neem eens een kijkje op Twitter. We verzenden berichten met de hashtags #seksueelgeweld en #SGstorm. Retweet als je ons een warm hart toedraagt, deel eigen ervaringen of lees alleen maar wat er geschreven wordt. We heten je welkom.

Ik realiseerde me vanmorgen dat ik vaak wel benoem dat ik getraumatiseerd ben en dat het met misbruik te maken heeft, maar dat ik nooit concreet ben. Daar heb ik een goede reden voor. Ik weet dat mijn blogs oa door lotgenoten gelezen worden. Expliciete woorden kunnen ontzettend triggerend zijn. Ik wil graag dat mijn teksten door iedereen gelezen kunnen worden, zonder de angst om in een herbeleving te schieten.

Ik wil nu toch graag iets meer vertellen over mijn achtergrond. Ik denk dat het inzicht geeft.
Trigger warning: scroll alleen door naar beneden als het voor jou te dragen is.








Ik heb op meerdere momenten in mijn leven te maken gekregen met seksueel misbruik.
Waar ik het meeste last van heb is de periode van 2 jaar waarin ik meerdere keren per week de prooi was van de jager die naast ons woonde. Ik was 10, of misschien nog net 9, toen hij voor het eerst mijn slaapkamer betrad en me in mijn eigen bed onteerde. Handen en een mond die over mijn lichaam gingen, mijn onderbroek die uit moest. Het eindigde met zijn hoogtepunt, waar ik gedwongen aan mee werkte.

In de 2 jaren die daarop volgden heb ik me voortdurend onveilig gevoeld; hij was altijd in de buurt en had min of meer vrij toegang tot ons huis en mijn kamer. Onder andere door het touwtje uit de brievenbus waar Jan Terlouw zo mooi over vertelde (feitelijk een sleutel die uit de voordeur stak). Als ik hem in de gedeelde carport zag en hij omhoog wees, was het mijn taak om na het avondeten op mijn kamer te zijn en er zorg voor te dragen dat het zolderraam op een kiertje stond.

Naarmate de tijd verstreek ging het misbruik verder dan die handelingen en werd zijn machtsspel subtieler. Het mes dat hij eens op mijn keel zette was niet nodig geweest, ik leerde gehoorzaam te zijn en mee te werken. Seksueel geweld gaat veel meer over macht dan over seks.
Hoe ironisch dat het mijn eigen zakmes was. Het lag onder mijn kussen als bescherming, maar het werd tegen me gebruikt, zoals ook de natuurlijke reacties van mijn lichaam me tegenwerkten. “Zie je wel dat je het lekker vindt”

Ik ben nu 39 en heb een groot gedeelte van mijn leven doorgebracht in klinieken, therapeutenkamers en groepstherapieruimtes. Mijn veelbelovende goede cijfers op het VWO en mijn creativiteit zijn voor mijn gevoel niet ingelost. Ik leid niet het leven dat ik wilde leiden. Mijn kinderwens heb ik aan de kant gezet omdat ik lange tijd zo labiel was dat ik een kind zo’n moeder niet toewenste.

Maar mijn leven is niet zo somber als hierboven beschreven.
Ik heb eindelijk heel goede hulp gevonden en werk hard aan herstel en heling. Dat ik het inkijkje in misbruik kan opschrijven is het resultaat van traumabehandeling, en voor mij een bewijs dat die therapie werkt. Ik kan eraan terugdenken zonder weg te raken of overspoeld worden door een herbeleving.

Ik geloof oprecht dat er een dag zal komen dat het verleden niet meer allesbepalend is voor mijn heden en toekomst. De littekens zijn blijvend, maar ze zullen vervagen. Ik wás een slachtoffer en zie mezelf nu als overlever, met steeds meer ruimte om te léven ipv overleven.
Misschien is dit ook wel de boodschap die ik vandaag uit wil dragen: seksueel geweld kan een leven volledig op z’n kop zetten en blijvende schade veroorzaken; verwerken is een lange en pijnlijke weg, maar er is leven na seksueel geweld.

Licht op slaap

De laatste tijd heb ik niet veel geblogd over mijn therapieproces. Hoog tijd!

Over slapen schreef ik al eerder. Samen met mijn medicijnvrouw (klinkt beter dan GGZ-arts toch?) ben ik op zoek geweest naar een manier om de cyclus van niet/nauwelijks slapen te doorbreken.
Ik werd weer steeds depressiever en da's niet zo bevordelijk voor slaap. De tweede factor is de traumabehandeling. Er komt veel los, resulterend in spanning, angst overdag en veel nachtmerries. Onnodig te vermelden dat chronisch slaaptekort niet erg helpend is als je dan overeind wilt blijven.
We probeerden zware slaapmiddelen. Een week goed slapen zou me genoeg energie geven om weer met volle kracht vooruit te kunnen.

Imovane, rohypnol en al hun soortgenootjes deden helemaal niets, behalve dan hele dagen suf zijn.
Ik slik antidepressiva in hoge dosering, eigenlijk al over het randje van de maximale dosis. Ik wilde eigenlijk toch verhogen. De medicijnvrouw begreep het, maar stelde als tussenstap een kuur lichttherapie voor. Daarvan wordt steeds duidelijker dat het ook werkt bij 'gewone' depressies, niet alleen bij seizoensgebonden depressies (winterdepressie). Misschien zou het iets doen, met als bonus een klein kansje dat ik beter zou gaan slapen. Vooral dat laatste leek me een illusie.

Ik mocht een therapielamp lenen. 's Morgens meteen na het ontwaken een half uur in dat licht zitten. De lamp breekt de melatonine versneld af. Melatonine is een lichaamseigen stofje dat zich in de loop van de avond opbouwt om je lijf voor te bereiden op de nacht.

De eerste paar dagen had ik zo'n knallende koppijn van die lamp dat ik 'm een paar dagen aan de kant heb gelegd. Daarna toch de kuur hervat en al heel snel voltrok zich een klein wondertje. Normaliter lig ik wakker tot de ochtend, hoe vroeg of laat ik ook naar bed ga. Telkens als ik voel dat ik bijna in slaap val protesteert mijn hoofd, of eigenlijk mijn overlevingsmechanisme dat me toeschreeuwt dat slapen niet veilig is. En dan kan ik nét niet bij dat moment van overgave. Ook als ik een sterke inslaper gebruik.Of twee of drie. Andere getallen houd ik liever voor me ;)

Na een aantal dagen merkte ik dat ik 's avonds suffer begon te raken en als ik zoals gewoonlijk nog even ging lezen in bed, vielen mijn ogen al na een paar bladzijdes dicht. Ik werd verbijsterd wakker de volgende morgen. Huh, geslapen, ik??

Na 10 dagen bracht ik de lamp terug. Van de 10 nachten had ik er 5 waarin ik bizar snel insliep, 3 waarin de slaap zich pas na drieën aandiende en 2 waarin ik helemaal niet sliep. Wat een verschil!
De medicijnvrouw raadde me aan om een eigen lamp te kopen, zodat ik niet afhankelijk ben van de beschikbaarheid van de leenlamp. Die conclusie had ik zelf ook al getrokken, maar oei, wel een flinke uitgave. Dat ik intussen merkte dat de slaap, zonder lamp, weer weg begon te blijven was een flinke stimulans.

Om een lang verhaal kort te maken: ik kreeg 2 donaties van vrienden, verkocht een paar spullen op Marktplaats en... uiteindelijk kreeg ik 'm kado van Eelco, via zijn ouders. Een warm bad. Niet alleen van donaties en het grote kado, maar ook van vrienden die meedachten en me hielpen met plannen om zelf het bedrag bij elkaar te scharrelen. Facebook schijnt een nepwereldje te zijn, maar wat heb ik daar al ongelooflijk veel steun mogen ontvangen en échte vriendschappen gesloten!

Nu start ik mijn dagen met een lichtbadje. Het lampje is klein, het licht is fel maar hindert me niet.
Ik slaap echt beter. Nog wel met een inslaappil erbij. Wie weet kan ik ooit zonder pillen slapen, maar voor nu werkt deze combinatie voor mij.

Ik ben blij, dankbaar en verrast. Dat zo'n mild middel voor elkaar krijgt wat paardenmiddelen niet doen, dat had ik nooit gedacht...dat mag best een wonder heten toch?

dinsdag 29 november 2016

Dat.

Dat je je missie van de daken schreeuwde en dat ik je kreten herhaalde voor een ander publiek
Dat je de dagen aftelde en ik zonder teltalent telkens weer verbaasd was, want ook zonder slaap verstrijkt een datum
Dat de appjes met "hi, stoor ik?" ijkpunten werden, net als "update: ik leef nog"
Dat de tijd zo grillig werd. Urenlange seconden en dagen van niks
Dat een vriendschap met beperkte tijd je dingen doet durven, afspreken bijvoorbeeld
Dat we juist door de afstand dicht bij kwetsbaarheid konden zijn
Dat ik je de laatste keer deels zonder masker zag en schrok

Dat we afscheid namen
Dat de wereld niet het fatsoen had om even stil te staan toen jij ging
Dat je toen Schrödingers kat werd en dat je dat best cool zou hebben gevonden
Dat het nog steeds onwerkelijk is, het stof nog niet is gaan liggen
Dat ik de woorden nog niet vind
Dat je er was, dat ik je mocht kennen
Dat ik dankbaar en verdrietig ben
Dat staat vast.

dinsdag 18 oktober 2016

Geen werk aan de winkel

Vorige week had ik een goede dag. Er was ’s ochtends iets tussen de afspraak bij de ggz gekomen, waar ik samen met Albert naartoe was gereisd. Vervelend, maar ik kon het loslaten. We dronken een kop koffie en gingen op huis aan. Terwijl we in de bus zaten bedacht ik me dat ik eigenlijk wat langer in de stad had willen zijn. Albert gaf aan naar huis te willen en ik voelde me sterk genoeg om in de bus te blijven zitten toen hij uitstapte. Even in m’n uppie naar Tiel.

Ging goed! Ik was wat ontremd omdat ik die nacht niet had geslapen, maar het was fijn om wat winkeltjes af te struinen en op m’n dooie gemakje koffie te drinken.
Al heel lang niet meer in de winkel met tweedehands boeken geweest. Terwijl ik de schappen af ging en twee mooie boeken vond, hoorde ik op de achtergrond de twee dames op leeftijd die de winkel runnen stuntelen met de computer.

Goh, dacht ik, daar zou ik ze wel mee willen helpen. Ik zou hier als vrijwilliger goed passen, ook als klanten helpen een drempel voor me zou zijn. Er komen daar veel boeken binnen en ik zou er plezier in hebben om te helpen sorteren, inruimen, computerwerk doen en meedenken over acties. Ik heb wel wat te bieden en het zou voor mij een nieuwe uitdaging zijn.
Impulsief vroeg ik de mevrouw achter de kassa of ze nog vrijwilligers konden gebruiken. Moest ze even overleggen.

Even later was ik in gesprek met de dame die volgens mij de ‘baas’ is daar. In plaats van een kort praatje werd het een sollicitatiegesprek midden in de winkel. Ik klapte compleet dicht maar zette door. Haar vragen waren kort en onvriendelijk, althans in mijn beleving. Ja, ik kon zeker een dagdeel in de week aanwezig zijn en ja, ik wist wel iets van boeken. Ik gaf aan dat ik ze het liefst achter de schermen wilde helpen, althans de eerste tijd om te wennen.

Ze bekeek me van top tot teen, wilde mijn opleiding weten en schreef die op: sociaal pedagogische hulpverlening. Ze tikte met haar pen op die woorden. “Dat is een zware baan, of niet? Hoe lang doe je dat werk al?”. Tja, liegen leek me niet verstandig. Het schaamrood stond me op de kaken toen ik zei dat ik op dit moment niet werkte, terwijl ik me daar doorgaans niet echt voor schaam. Ik vond het gesprek inmiddels zo vervelend worden dat ik alleen nog maar weg wilde.
Ze vroeg of ik dan een thuisblijfmoeder was. Nee, geen kinderen. Waarom ik dan thuis zat?
Ik vond dat ze daar helemaal niets mee te maken had, maar ik hoorde mezelf toch zeggen dat ik arbeidsongeschikt ben. Aha, een ziekte? Wat dan?
En weer ging ik over mijn eigen grens door te benoemen dat ik psychische klachten heb,
Hmm, zei ze. Ik voelde me verschrompelen toen ze nogmaals van top tot teen bekeek. Het had me niet verbaasd als de woorden ‘verward persoon’ op mijn voorhoofd opgloeiden.
“We laten je wel weten wanneer we je hulp kunnen gebruiken”

Struikelend verliet ik de winkel en slikte mijn tranen weg. Drukte de teleurstelling en de schaamte heel diep naar binnen, zodat ik de illusie van een leuke ochtend hebben nog even vast kon houden. Ik was in de stad, ik deed het helemaal alleen en daar mocht ik trots op zijn. En precies zo zette ik het later op facebook.

Pas ’s avonds kwam het weer omhoog. Eerst de schaamte en het gevoel een waardeloos persoon te zijn, daarna een gezonde portie boosheid. Ze had een afspraak met me kunnen maken om er eens rustig over te praten, en sowieso had ze dit niet midden in de winkel hoeven te doen. Ze had, voordat we dat gesprek hadden, kunnen zeggen dat het leuk of fijn was dat ik mijn hulp aanbood. Ze had vriendelijk kunnen zijn.
Aan haar oordeel kon ze waarschijnlijk weinig doen, kwestie van beeldvorming. Voor mij een reden om me nog wat harder in te zetten voor stigmabestrijding.
Ik denk niet dat ik nog iets van ze zal horen, maar mocht ze bellen en me uitnodigen, dan sla ik dat vriendelijk af. No way dat ik in zo’n sfeer wil werken.

En toch is deze ervaring niet 100% negatief. Blijkbaar wil ik graag de stap naar vrijwilligerswerk gaan zetten en weet ik nu dat ik me beter moet voorbereiden als ik ergens aanklop. En nu weet ik ook dat ik wel degelijk een voorwaarde heb: ik wil me welkom voelen en ik wil dat er rekening gehouden wordt met mijn kwetsbaarheid. En voor dat laatste zal ik ook zelf echt mijn best moeten doen.

woensdag 12 oktober 2016

Koek en zopi(clon)

Ik heb een nieuwe vriendin. Gisteren nam ik haar mee naar huis en ze blijft hier een tijdje logeren.
Ze is geen opvallende verschijning. Ze is een stuk kleiner dan ik en ze oogt erg bleek. Ik zal eerlijk zijn: normaal gesproken zou ik haar voorbij zijn gelopen. Zou haar hooguit vriendelijk gegroet hebben om haar vervolgens meteen weer te vergeten.

Toch liep het anders gisteren. Ik was wanhopig en toen ik haar aankeek hield ze mijn blik vast. Neem me mee, zeiden haar ogen, neem me mee naar je slaapkamer. Geloof me, zei ze, ik ben goed in bed. Beter dan alle anderen. Slaap met me.
Ik keek haar nog eens aan en besloot dat ze mee mocht. Ze leek me het proberen waard en ach, een one-night-stand meer of minder...

's Avonds laat liet ik haar de slaapkamer zien. Ze knikte goedkeurend en vroeg of mijn man het niet erg zou vinden. Nee hoor, stelde ik haar gerust, hij gunt het me en slaapt toch overal doorheen.
Ze nam me in haar armen. Ze voelde zacht aan en hield me steviger vast dan ik verwacht had. Daar gaan we, dacht ik, kom maar op.
Uren hebben we het samen geprobeerd. Het lukte niet.
Vanavond geef ik haar nog een kans. Misschien helpt het als ik wat minder van haar verwacht. We zullen zien.
Haar naam is trouwens prachtig: Imovane.


Imovane, ook wel zopiclon, is een slaapmiddel dat wordt voorgeschreven bij ernstige slapeloosheid.
Ergens in mijn vroege tienerjaren begon het: grote moeite om in slaap te komen. Ik pieker, krijg mijn gedachten niet stil, maar de grootste factor is angst om me over te geven aan de slaap. Slapen betekent nachtmerries, gillend wakker worden, herbelevingen, controleverlies. En ergens in mijn bewustzijn heeft zich een overtuiging verankerd: slapen is gevaarlijk. Er kan iemand je slaapkamer betreden om dingen met je te doen die je niet wil. Dat gebeurde immers toen je klein was.
Het wisselt. Er zijn periodes dat ik best redelijk slaap en uitgerust wakker word, maar op het moment is het, zoals al zo vaak gebeurd is, ronduit knudde.

Ik heb al heel veel geprobeerd. Ontspanningsoefeningen, warme melk met anijs of honing, 's avonds geen tv/computer/cafeïne/voedsel/zware kost/boeken etc etc, een wandeling, frisse lucht in de kamer, het bed alleen nog maar voor slapen gebruiken en ga zo maar door. Kalmerende middelen, melatonine, inslapers, doorslapers, versuffende antidepressiva. Het enige wat ik onder geen geding wil proberen is antipsychotica, hoe mild ook.
Soms werkt iets een tijdje. Heerlijk. Bijtanken.

Toen ik jonger was sloeg ik gerust af en toe een nacht over om de volgende avond goed moe te zijn, een reset. En kon ik na een slapeloze nacht redelijk functioneren. Lukt me helaas niet meer. Wat ik nog wel prima kan: wakker blijven met een driedubbele dagdosering achter de kiezen. Geeft eigenlijk alleen maar heel vervelende ontremming.
Ik denk niet dat er fysiek iets mis is. Ik voel 's avonds dat ik moe word, dat mijn lijf zich opmaakt voor de nacht.

Doe gerust een middagdutje, zei de ggz-arts gisteren. Huh, dat mag toch juist niet? Ze zei dat het in mijn geval best zou kunnen helpen, omdat ik de opgedane prikkels van die dag dan al deels verwerk en iets meer ontspannen de avond in ga. En daarnaast schreef ze me imovane voor. Tijdelijk, om bij te tanken.

De echte oplossing hoop ik via traumaverwerking te vinden. En ik vermoed dat ik nog iets anders zal moeten proberen om die vastgeroeste barrière weg te krijgen. Voor nu probeer ik te accepteren dat ik slecht slaap en heel weinig energie heb. En vind ik het fijn dat ik overdag even mag gaan liggen. Dat deed ik namelijk al.

zaterdag 24 september 2016

Monsters

copyright M. Sides
Vandaag vond ik een pakketje met schetsen in m'n brievenbus, gemaakt door mijn penvriend. Ja, het bestaat nog, correspondentie via slakkenpost!

Deze man, een Amerikaan, heeft ook een posttraumatische stressstoornis. Hij krijgt daar helaas nauwelijks hulp bij, maar is inventief genoeg om op zijn eigen manier de verschrikkingen uit zijn jeugd aan te pakken.

We hebben daar de afgelopen tijd veel over geschreven naar elkaar. Ik houd hem op de hoogte van mijn exposure avonturen en hij vertelt hoe hij de duisternis de baas blijft. En als ik zijn brieven lees realiseer ik me dat zijn aanpak en de mijne best op elkaar lijken.

Hij vertelde me dat zijn behoorlijk duistere creaties voor hem een manier zijn om de monsters in zijn hoofd een gezicht te geven. Zo precies mogelijk, om ze uit de schaduw te trekken, ze een gezicht te geven en ze aan te kijken. Net zoals ik mijn herinneringen zo levendig mogelijk naar boven haal. Dat brengt herbelevingen op gang, die ik deels onder begeleiding en deels in m'n uppie aankijk. Door herhaling zwakken ze af. Dat was eerst alleen een theorie die ik prima begreep maar waarvan ik me afvroeg of het voor mij wel zou werken. Inmiddels weet ik dat het zo is. Ik ben bijna klaar met het eerste behandelde fragment: de avond waarop de dader voor het eerst mijn slaapkamer betrad.

En zoals mijn penvriend kiest voor potlood en papier, zijn tools om zich te uiten, zo doe ik dat schrijvend. Grote delen van mijn therapie vinden inmiddels schrijvend plaats, omdat ik ze dan veel sterker beleef dan wanneer ik praat.

Onlangs crashte ik. Een optelsom van factoren. Tijdens die crash heb ik hier een blogje geplaatst, maar dat heb ik inmiddels verwijderd. Zelfcensuur past niet bij mij, maar dit voelde zo naakt en kwetsbaar dat ik het niet op een openbare plek wil delen. Het kost me nu trouwens ook veel moeite om te bloggen. Ik voel me onveilig.

Mijn therapie heeft even stilgelegen om weer overeind te kunnen krabbelen. Grotendeels heb ik weer wat vaste grond onder mijn voeten. Nog niet optimaal, maar het gaat.

Vrijdag staat de volgende sessie gepland. Het is tijd om aan een volgend stukje te beginnen. Ik ben er bang voor en voel veel weerstand. Maar ik merk ook hoe het volgende fragment luid en duidelijk van zich laat horen. In flashbacks, in dromen, in herbelevingen. Ik realiseer me nu ook opeens waarom ik de laatste tijd vaak misselijk ben geweest. Wie weet verlies ik als bijwerking wel wat gewicht ;)

En mijn penvriend? Die is nog wel even zoet met tekenen. Ik ken hem al lang, ergens tussen de 10-15 jaar, en zie hoe hij veranderd is. Meer in evenwicht, minder boos. Waar wij elkaar in het verleden nog wel eens de duisternis in konden trekken, is er nu een mooie wisselwerking van wederzijdse steun en waardering. Elkaar aan het lachen maken, dat konden we altijd al. En dat is alleen maar gegroeid.

dinsdag 30 augustus 2016

Beelden van Toen

Een paar weken geleden bedachten mijn therapeut en ik een extra manier om meer uit de exposuretherapie te halen: het opschrijven van het fragment waar we al heel wat sessies aan besteed hebben. Dit omdat ik merkte dat er nog veel heftigheid naar boven kwam als ik schreef over die gebeurtenis.

Het werkt, het doet iets!
We spraken af dat ik thuis zou schrijven en dat ik het in de spreekkamer voor zou lezen. Daar maakte hij een geluidsopname van.

In drie weken heb ik het fragment op papier kunnen krijgen. Het was behoorlijk triggerend en juist daarom bleef ik volhouden - als het iets losmaakt zit er beweging in en kan mijn hoofd steeds een stukje verwerken.

Onderweg hebben we het tempo aangepast omdat ik thuis dissociatieve fugues begon te krijgen: wegraken en vanuit die toestand dingen doen die ik me later niet meer herinner. Zo verdween er een stuk tekst waar ik hard aan had gewerkt. Iets in mij is doodsbang voor het zwart op wit zetten van nare details. Althans, dat denk ik. Ik heb geen contact met dit stukje van mij.

We hebben inmiddels twee opnames gemaakt en morgen maken we de derde. Tijdens die voorleessessies voelde ik weinig. Geeft niet, ze zijn vooral bedoeld om mee te oefenen. De echte exposure vond tijdens het schrijven zelf plaats.

Met de opname die we morgen maken ga ik thuis weer aan de slag: beluisteren tot er niets meer loskomt. Ik hoop dat dit geen weken meer zal duren, begin het beu te worden en er ligt nog zo veel te wachten.

Thuis ben ik ook door fotoalbums gaan bladeren. Confronterend. Het riep ook de vraag op of het misbruik echt op mijn 10e begon. Was ik misschien nog negen? Ben ik nog niet achter, maar ik kreeg wel helder dat het in 1987 al bezig was: ik was fan van een bepaalde artiest en zijn grote hit was in dat jaar. De dader bracht plaatjes uit tijdschriften voor me mee. Ik heb alleen geen flauw idee hoe lang ik fan ben geweest.
Ik zag ook het beertje waar ik mee sliep terug in een foto, en mijn bed. Ook dat riep details op. Die wil ik niet delen.

Ooit wil ik met Albert naar mijn oude woonplaats reizen. Ben er al eerder terug geweest, zowel in benevelde als nuchtere toestand. Nuchter voelde ik niets, helemaal niets. Ik hoop een volgende keer wél iets te voelen en daar een stukje verleden af te kunnen sluiten. Maar dat komt nog, het is nu nog te vroeg.

vrijdag 5 augustus 2016

Sesam open u

Vandaag had ik weer een afspraak bij de GGZ. En man, wat zag ik er tegenop!
Ik wist dat natuurlijk de vraag 'hoe gaat het?' zou komen. Die vind ik momenteel ongelooflijk lastig te beantwoorden. De ene dag zit ik op het randje van een crisis, terwijl ik een andere dag, bijvoorbeeld vandaag, kalm, helder en rustig ben. Zulke heftige schommelingen zijn er al tijden niet meer geweest en ze maken me onzeker.

Gisteren compleet in paniek over deze afspraak. Alle registers van vermijding gingen open. Weglopen, mezelf verdoven met genoeg pillen om de volgende dag de deur niet uit te kunnen, of de afspraak gewoon 'vergeten'. Dat laatste kan ik overigens niet meer sinds ik bij deze instelling ben, daar respecteer ik de (band met) behandelaars teveel voor.
Enfin, uiteindelijk kon ik vannacht slapen door met mezelf af te spreken dat ik de afspraak in principe af ging zeggen, met een heel kleine marge om alsnog gewoon te gaan. Soms helpt dat. Overigens wel alles voorbereid zoals ik dat elke keer doe: flesje water koud leggen, knuffel in de tas, met Albert doorspreken hoe laat we de deur uit zouden gaan en ook een wekker zetten.
Gegaan dus. Yay, overwinning!

Onderweg bedacht ik dat ik meer behoefte had aan een evaluatie/plan van aanpak dan aan een sessie exposure.
En zo ging het ook. Rustig met een bak koffie verteld hoe het therapiehuiswerk de afgelopen tijd is gegaan en daarbij benoemd dat het opschrijven van het fragment waar het de afgelopen sessies over ging veel meer impact had dan het beluisteren van de opnames. Ik gaf aan dat ik daar enerzijds van baalde, omdat de heftigheid bij het terugluisteren echt is verminderd (en ik ontzettend graag klaar wil zijn met dit stuk trauma), maar dat ik er ook een opening in zag.

Ik verwerk dingen doorgaans schrijvend, gebruik het schrijven ook als middel om (bijvoorbeeld in dit blog) overzicht en inzicht te krijgen. Pratend kom ik moeilijker uit mijn woorden terwijl ik schrijvend veel sneller de diepte in kan.
Tijdens het opschrijven van het 'verhaal' merkte ik telkens dat ik weg begon te raken, begon te trillen en dat de woorden me de adem benamen.

Mijn therapeut ziet die opening ook. Als dit soort dingen gebeuren tijdens het schrijven, dan is de lading er dus nog niet af. En is het verstandiger om, op welke manier dan ook, dit fragment nog niet af te sluiten.

We kwamen samen uit op een plan van aanpak, in ieder geval voor de komende week: elke dag een stukje schrijven ipv luisteren. Maximaal 20 minuten per keer. Bij de volgende sessie breng ik mee wat ik geschreven heb en gebruiken we dat voor een opname.
Hier werd ik blij van! Hij luistert met aandacht en vervolgens zoekt hij mee. Ook als het een pad is dat hij niet vaak betreedt. Precies hoe mijn andere behandelaar en ik kwamen tot de afspraak om via email te communiceren.

Ik ben opgelucht, blij ook dat ik gegaan ben.
Mijn kop is weer uit het zand.

donderdag 14 juli 2016

Terugval

Het is donderdag en ik zit doodmoe bij te komen van een flinke terugval.
Vanmorgen heb ik samen met Albert geprobeerd een reconstructie te maken van wat er de afgelopen dagen eigenlijk gebeurd is. Maar omdat hij een deel van die dagen op z'n werk was, blijven er stukken blanco.

Wat ik weet is dat ik vrijdag, de dag na mijn vorige, lyrische blogpost erg hyper was. Veel willen, veel plannen maken, dingen maar half doen. Zaterdag en zondag kon ik haast mijn bed niet uit en voelde ik hoe somberheid het overnam van enthousiasme. Maar de momenten dat ik wel uit bed kon was ik actief. Ik schreef meerdere brieven, printte en verstuurde bestanden voor een penvriend, was actief op social media. Op die momenten was er niets aan de hand. Geen idee of ik iets wegdrukte of dat ik me echt okay voelde.

De dagen erna herinner ik me nauwelijks. Een zin uit een liedje komt in me op: "één helft komt niet op toeren, het andere teveel". Best toepasselijk, die woorden komen uit 'Ik wil niet dat je weggaat'. Ik was hartstikke weg maar had het niet door. Achteraf hoor ik dat ik oud gedrag vertoonde. Hard om hulp roepen, grote plannen maken om de leegte mee op te vullen. Vergeten te eten en daarna mijn glucosespiegel naar bizarre hoogtes jagen door de ene eetbui na de andere, zonder me daar bewust van te zijn. Schrok me lam op de momenten dat ik die spiegel ging meten. Geen lucht meer krijgen omdat ik met iets eetbaars in m'n mond in slaap was gevallen. En tussendoor heel normale momenten waarop ik contact had met vrienden. O, en het meest herkenbare oud gedrag: compleet gefixeerd raken op een verandering in uiterlijk en daar direct gehoor aan moeten geven. Zo zat ik opeens bij de kapper, liet ik plaatjes zien van wat ik wilde en kwam ik jankend thuis met een kapsel dat inderdaad om te janken was.

Ik liet me met heel veel moeite sussen door Albert om te wachten tot de volgende dag en terug naar de kapper te gaan. Ik maakte er grapjes over op internet, maar ik had wel degelijk de tondeuse klaar liggen.

Gisterenmorgen zat ik volkomen helder een mail aan mijn therapeute te schrijven. Een positief bericht over voortgang in m'n traumabehandeling. Dat het zwaar was en spanning gaf, maar ook dat ik het aardig op kon vangen.

Op dat moment kwam er een sms binnen van een vriend, met het dringende verzoek direct contact op te nemen met een hulpverlener. Nijdig werd ik ervan, want voor mijn gevoel had ik alleen ergens geschreven dat ik me ontzettend rot voelde over het kappersfiasco. Hoe haalde hij het in zijn hoofd om te bepalen of ik hulp nodig had? Ik schreef een boos bericht terug.

Ik maakte de brief af en app'te een andere vriend over het rare berichtje. Las wat bezorgdheid in zijn antwoord, maar niet alarmerend. Prima gesprekje, fijn om even te kunnen spuien en zoals altijd ook wat grapjes over en weer.

Daarna ben ik maar eens gaan kijken op facebook en twitter, wat had ik daar nou eigenlijk geplaatst? Schrok me rot van wat ik las. Over draagkracht die op was en over voor altijd willen verdwijnen. Met een hele reeks bezorgde reacties van vrienden. Shit! Ik herkende mezelf er niet in, of beter gezegd: ik herkende de persoon die ik nu ben er niet in. Maar ik herkende wel degelijk de radeloze uitingen die ik jaren geleden soms uitte, het stukje 'ik' waarvan ik dacht dat het helemaal verdwenen was. Ik schaam me diep en realiseer me dat ik hier iets mee moet. Blijkbaar verzet een deel van mij zich tegen de vooruitgang, uit doodsangst. Zo sterk zelfs dat het de regie overneemt. Ik kan er weinig anders van maken dan dissociatie.

Uiteindelijk ben ik, samen met Albert want in m'n uppie durfde ik niet, terug gegaan naar de kapper en kwam ik thuis met een kapsel dat me wél bevalt. Was nog wel erg duf en warrig.

Vandaag is het een nieuwe dag en ik voel me redelijk. Vanmiddag therapiehuiswerk gedaan en daar hard bij gehuild, wat erg opluchtte. Ik pak de draad weer op en neem deze terugval in m'n achterhoofd mee als een waarschuwing.
Zometeen kook ik een makkelijke maaltijd voor mezelf en ga ik wat netflixen tot Albert thuiskomt uit zijn avonddienst.
Ik ben er weer.

PS: ik realiseer me opeens een verschil met vroeger: toen sneuvelden er vriendschappen en ontstonden er ruzies als ik 'zo' was. Nu is er bezorgdheid en steun, en zie ik ook dat er vrienden zijn die me ook in die periode niet hebben laten vallen. Ik ben ze dankbaar. ♥

donderdag 7 juli 2016

Break on through


*deze tekst kan triggers bevatten*


Gisteren had ik mijn 3e sessie exposuretherapie.
Sessie 1 & 2 gingen over een belangrijk moment in de twee jaren waarin ik doorlopend seksueel misbruikt werd, namelijk de allereerste keer dat de dader mijn slaapkamer binnen kwam en me onteerde.

In sessie 1 heb ik dit fragment globaal verteld en vervolgens kwam de aandacht op het eerste stuk. Keer op keer vertellen, met steeds meer details.

Sessie 2 verliep hetzelfde, maar nu met de focus op het tweede stuk, waarin de dader dingen met mij deed. Loodzwaar vond ik dat. Nooit eerder had ik deze details aan iemand verteld. Maar met de methode van telkens opnieuw vertellen en overschakelen naar grote lijnen als de spanning te hoog opliep, lukte ook dit. Veel details kwamen ook vanzelf op. De kleur van zijn kleding, hoe zijn stem klonk, welke fysieke reacties het bij me opriep.

En vervolgens luisterde ik de dagen tot aan de volgende sessie elke dag naar de geluidsopname.

Het derde en laatste stuk van dit fragment kwam gisteren aan de orde, waarin ik dingen bij de dader moest doen.
Ik wilde niet. Ik wilde een handvol pillen nemen, een joint roken en diep wegkruipen onder mijn dekbed.
Maar ik ging. En met mijn ogen dicht vertelde ik het hele verhaal aan één stuk, compleet met alle weerzinwekkende en angstaanjagende details. Dat ging niet vanzelf, ik had de therapeut er hard bij nodig. Hij peilde telkens het spanningsniveau, stelde vragen die me hielpen om nog meer details los te krijgen. Ik hoorde zelf hoe ik steeds meer vanuit het perspectief van een 10-jarige vertelde, met bijbehorend idioom. Ik heb de sessie nog niet terug geluisterd, maar het zou me niets verbazen als mijn stem ook anders klinkt. Wederom een fikse herbeleving in een veilige setting, met veel vertrouwen in de man die me er doorheen loodste. Kalm, bemoedigend, geruststellend en met volle aandacht voor mijn welzijn.

Wat ik vertelde was walgelijk en extreem kwetsbaar. Ik geloofde zelf haast niet dat ik dit aan iemand zat te vertellen. Maar waar ik in de vorige sessies nog bezig was met vragen als 'gelooft hij me wel', 'hoe komt dit over' en zelfs 'hij zal toch niet opgewonden raken van mijn woorden', voelde ik nu vooral vertrouwen. In hem, maar ook in mezelf: bij elke drempel die ik nam groeide mijn vastberadenheid om door te gaan met vertellen. Ik voelde kracht.
Toch was er weer een grote opluchting toen de therapeut voorstelde om het hierbij te laten, voor dit moment.
Terwijl ik naar buiten liep daalde er een gevoel van overwinning op me neer. Een doorbraak!

Ik voel heel sterk dat dit de methode is die werkt voor mij. Ik ga door op deze ingeslagen weg. Ik merk ook al effect. Dit fragment is minder eng geworden om naar te kijken. En nu ik alle details ken, zie ik dat mijn participatie lang niet zo groot was als ik vreesde. Ik vroeg er écht niet om.

Nog een frappant detail dat ik wil benoemen: de dader bedankte me na afloop. Are you kidding me? Een kind van tien bedanken nadat je haar aangerand hebt? Ik vermoed dat hij het die hele twee jaar voor zichzelf goed heeft gepraat. En mij telkens gewezen heeft op mijn aandeel zodat ik uit schaamte of schuldgevoel zou blijven zwijgen.

De komende week ga ik aan de slag met de opname van deze sessie. De week erna ga ik het verhaal op papier zetten en eventueel naar wat foto's uit die tijd kijken. Dan een weekje vrij en in augustus de volgende sessie. Dan keren we even terug naar dit fragment om te zien of het echt tot rust is gekomen. Geen idee hoe lang deze therapie gaat duren.

Op de foto zie je mijn hulptroepen: de knuffel die meereist in mijn tas, mijn telefoon die de geluidsopname maakt, m'n waterfles die ik vasthoud tijdens een sessie omdat koffie drinken met gesloten ogen niet zo praktisch is, en het boekje waarin ik elke dag na het beluisteren van de opname een paar zinnen opschrijf over wat me opviel. Je ziet overigens ook een stuk van de krabpaal van m'n katten, maar die voegt verder niets toe ;)

Misschien vraag je je af waarom er zoveel triggerende details worden opgeroepen en waarom je iemand aan zoveel ellende bloot zou moeten stellen.
Ik ben geen deskundige, maar heb er wel mijn gedachten over: de herinnering wordt zo levendig mogelijk gemaakt zodat je tot een herbeleving komt. Je gaat dwars door het mechanisme van vermijding heen. En merkt dat je de herbeleving overleeft, telkens opnieuw. Zo durf je steeds een stapje verder en geef je je hele systeem van herinneringen, emoties en denkprocessen de mogelijkheid de gebeurtenissen te verwerken door gewenning en vertrouwen in je eigen draagkracht.
Het is, mijns inziens, een confronterende en belastende methode. Rauw, pijnlijk, zwaar. Maar met een therapeut die je durft te vertrouwen, iemand die het proces scherp in de gaten houdt en die jou met volle aandacht begeleidt kan het trauma's die vastzitten en ingekapseld zijn toegankelijk maken.
Ik zou lotgenoten dit niet als eerste keuze aanraden. EMDR kan net zo effectief zijn en is een stuk minder belastend.

Stapje voor stapje bewandel ik dit pad, bevrijd ik mezelf beetje bij beetje van de kwetsingen die ik al zo lang bij me draag. En blog ik over dit proces, want ook dat helpt.
Dankjewel voor het lezen.

donderdag 30 juni 2016

Exposure, dag 10

Tien dagen geleden had ik mijn eerste sessie imaginaire exposuretherapie, gericht op traumaverwerking. Daar schreef ik uitgebreid over in mijn vorige blog.
Morgen de volgende sessie.

Ik merk dat ik behoefte heb aan wat overzicht en dat ik de lezers van mijn blog graag op de hoogte wil houden van de voortgang. Voorafgaand aan deze therapie heb ik gezocht naar ervaringen van anderen en ik vond haast niets dat (in het Nederlands) over specifiek deze therapie ging. Misschien is het hoogmoed, maar ik hoop dat ik andere zoekenden een inkijkje kan geven.
Natuurlijk ervaart ieder zo'n proces op een eigen manier en zal ook de insteek per therapeut verschillen.

Ik 'mocht' dus aan de slag met deze geluidsopname van de sessie. Elke dag trek ik me terug op een rustig plekje om een half uurtje te luisteren. Ik heb wat geëxperimenteerd met ontspanningsoefeningen vooraf of achteraf, heb ook elke dag een paar zinnetjes schreven over wat me opviel.

Op dag 1 klapte ik dicht. Ik zat de tijd uit, voelde eigenlijk alleen maar irritatie over mijn eigen stem. Dag 2 was ontzettend heftig. Het lukte me, met veel moeite, mijn ogen het grootste deel van de tijd gesloten te houden en open te staan voor de emoties die vrijkwamen. Een nog net te verdragen herbeleving, maar wel ver over de grens van 85 die we tijdens een sessie hanteren. Ik zag de kamer, ik voelde fysieke reacties en moest af en toe mijn ogen openen om terug te gaan naar het nu. Het nu waarin ik veel angst ervaar, maar waarin niemand me bedreigt of misbruikt.
Op dag 3, die net zo intensief was, kwamen veel details aan de oppervlakte. Gek genoeg ook details die niet bij deze herinnering horen. Het ene moment lag ik in het houten bed in mijn gele kamer, het andere moment was er opeens mijn blauwe kamer, mijn kamer met de houten muur, zelfs ziekenhuiskamers kwamen voorbij.
Op dag 4 en 5 waren er details die ik niet wil benoemen, maar die me de nachten erna telkens uit bed jaagden.
Tussendoor heb ik een dag vrij genomen van het huiswerk.

En inderdaad, de laatste paar dagen ben ik rustiger als ik naar de opname luister. Ken hem ook bijna woordelijk uit m'n hoofd. Ik vraag me af of ik vooral gewend ben geraakt aan de opname of echt minder angst ervaar bij deze herinnering. We gaan deze herinnering nog twee keer behandelen, dus ik denk dat ik wel zal merken hoe het zit.

Ik ervaar deze behandeling als de meest intensieve die ik in mijn hele carrière als cliënt heb ervaren. Er zijn wel therapieën geweest die zwaar en belastend waren, maar die gingen over het veranderen van gedrag en gedachtepatronen.
Na elke luistersessie ben ik uitgeput en moet ik weer even landen. Meestal praat ik even met Albert en zoeken we daarna samen ontspanning en afleiding.

Wat ik verder lastig vind is dat ik naar binnen gekeerd ben en mijn grenzen stevig moet bewaken, terwijl er onder die vermoeidheid weer wat initiatief begint te bloeien. Ik vermoed dat de depressie op z'n retour is, maar zeker weten doe ik het niet. Het maakt ook niet uit.
Morgen sessie 2. Ik ben bang, maar ik ga er weer voor!

dinsdag 21 juni 2016

Uitzicht op licht

Gisteren maakte ik kennis met een voor mij nieuwe manier van traumabehandeling: imaginaire exposure.
Een korte uitleg:

Imaginaire exposure of blootstelling betekent dat de therapeut u stimuleert om nare herinneringen aan de schokkende gebeurtenis(sen) herhaald en langdurig te herbeleven.
Het doel is dat u herinneringen minder gaat vermijden, zodat u de gebeurtenis kunt gaan verwerken.
Klachten nemen af en u ervaart geleidelijk minder angst bij het praten over de traumatische gebeurtenis. In de meeste gevallen maakt de therapeut van iedere bijeenkomst een geluidsopname die u meerdere keren per week dient te beluisteren.
(tekst afkomstig van PsyQ)

De reden om voor een andere insteek dan EMDR te kiezen: in de sessies die over een dieper liggend traumafragment gingen bleef de emotie uit. Ik kon het beeld voor me zien, maar het deed me niets. Althans, niet tijdens de sessie. 's Avonds, thuis, gingen die poorten wel open, maar dan was er natuurlijk geen therapeut bij om me door middel van oogbewegingen te helpen de pijn af te zwakken en opnieuw op te slaan. En dat frustreert!

Dit heb ik aangekaart bij de therapeut. Hij gaf aan dat er nog een andere methode was, die meer ingaat op details van gebeurtenissen. Of ik die wilde proberen? Verder gaan met EMDR was ook een optie, wellicht dat er in volgende sessies meer los zou komen.
Ik had al wel gelezen over exposure en het leek me heftig. Maar juist het oproepen van emoties én er thuis ook aan te kunnen werken sprak me aan. Kansrijker. En fijn dat ik het mag proberen zonder schepen achter me te verbranden. Dus ja, dat wilde ik zeker proberen.

Ik kreeg het eerder gemaakte lijstje met belastende gebeurtenissen mee om thuis na te voelen of daar al iets in veranderd was. Te bekijken met welke onderwerpen ik aan de slag wilde en in welke mate ze mijn dagelijks leven dwarszitten.
Dat was een heel proces, maar laat ik het kort houden: ik heb een nieuwe lijst kunnen maken en bracht die mee naar de volgende afspraak.

De therapeut legde me nog meer uit over deze therapie en we namen samen de lijst door. Niet leuk, niet fijn. Ik heb fragmenten benoemd waar ik nooit eerder met een therapeut over gepraat heb. Ik koos een fragment uit en we spraken af daar na het weekend mee te starten.

Het weekend heb ik in overlevingsmodus aan me voorbij zien gaan. Haast geen slaap, een constant gevoel van paniek en overal van schrikken. Een sterk gevoel van onvermogen, angst om compleet uit elkaar te vallen en bevestigd te zien wat mijn voormalig behandelaar zei tijdens het laatste gesprek: "ik raad je traumabehandeling sterk af. Ik denk niet dat je het aankunt".

Toen het eindelijk maandag werd en ik in de behandelkamer zat was de paniek al iets gezakt. Die vlamde natuurlijk wel weer even op toen ik mijn ogen sloot en begon te vertellen.
"Het is laat in de avond. Ik lig in bed en word half wakker van de deur die open gaat. Er komt iemand binnen." En zo verder, tot het eind. De therapeut vroeg me het fragment nogmaals te vertellen, met meer details. Ik vertelde nog een keer en zag dat de kamer niet helemaal donker was. Vertelde hoe ver de deur van mijn hoofdeinde vandaan was, vertelde over de geur van aftershave die verraadde wie er op mijn bed was gaan zitten.

Tussendoor vroeg de therapeut telkens hoe hoog de spanning was (we hadden een bovengrens van 85 afgesproken) en als die te ver opliep vroeg hij me verder te vertellen met minder details.
Ik vertelde, met veel haperingen, opnieuw en opnieuw. Wat aan het begin van de sessie een zwart-witfoto was veranderde in een 3D-film. Ik zat in die film en hoorde, zag, rook en voelde alles zoals het 'toen' was. Met 1 groot verschil: hier kon ik uit. Hoeveel angst ik ook voelde, ik kon het verdragen omdat ik wist dat ik veilig was in het hier & nu.

Na een half uur stopten we. Ik moest echt even landen. We bespraken de sessie. Voor mijn gevoel was het goed gegaan en dat vond hij ook. Of ik er verder mee wilde? Ja, zeker.
Hij schatte in dat we nog twee sessies en alle tussenliggende dagen nodig zouden hebben voor dit fragment.

Het was fijn dat Albert op me gewacht had (zoals hij ook tijdens elke EMDR-sessie heeft gedaan. Ja, daar bof ik mee, het reizen per OV is op die manier haalbaar), ik was wat wiebelig.

De opname die ik gemaakt had bleek volkomen prut. Daar heb ik me heel de avond druk over gemaakt, want hoe moest ik nou huiswerk gaan maken? Uiteindelijk vond ik vanmorgen een appje om het volume een flinke boost te geven en bleek mijn stem toch nog hoorbaar. Best wel symbolisch dat mijn stem zo slecht hoorbaar is dat een recorder 'm registreert als ruis...

's Avonds in bed, toen Albert al sliep, kwamen de tranen.
Ik ben blij met deze tranen. Ik voel.

zaterdag 18 juni 2016

Levenspijn


Geheimen vanuit het duister in het licht gezet.
Doodsangst en levenspijn gecomprimeerd tot vijf pagina’s woorden op papier.
Door wie, hoe oud, hoe vaak nog op je netvlies? Wat is verloren, nog bevroren, en waar is al iets geheeld?
De hemel huilt woeste druppels tegen mijn raam en alles trilt. Mijn ogen, mijn handen, wat hebben ze gezien en wat moesten ze doen? Mijn voeten zijn moe van platgetreden paden die meestal leidden naar een blinde muur. Reinheid, regelmaat, maar geen seconde rust. De dwang van een keurslijf: normaliseer en zoek structuur.
Ik ben bang, doodsbang voor elke seconde van toen, want de geesten die ik aanroep zijn de delen Dood in mij.
Kom uit je schaduw, toon me je gezicht en laat mij de sleutel zijn. De boeien geopend, raas dwars door me heen en steek over naar het licht.
Zo moe, zo bang, zo bloot en alles voelt onmogelijk. De tijd zal het leren, maar het besef daalt al in: ik kan niet meer terug en heb ook niets te verliezen. Wat ik overleefd heb zal mij niet doden.
Ik draag het duister maar ik draag ook ook het licht.

donderdag 26 mei 2016

Pillen, mon ami(triptyline)


Een maand of 10 geleden vroeg ik een gesprek aan bij de ggz-arts. Ik wilde samen met haar eens kijken naar mijn neerslachtige stemming en of er wat chemische ondersteuning kon komen.
In het kort: ze constateerde een depressie en na overleg en overwegen begon ik met nortrilen, een tricyclisch antidepressivum. Na een week of 3 zakte ik finaal door het laagje ijs dat over mijn depressie heen lag. Ik keek het monster recht in z’n bek. Vanaf daar zou het beter moeten gaan, maar dat deed het niet.
Ik stapte over naar amitriptyline. De zon begon voorzichtig weer te schijnen en mijn suïcidaliteit verminderde sterk. Na 20 jaar SSRI’s (moderne antidepressiva) en twijfels of het nou wel of niet iets deed weet ik eindelijk hoe het voelt als een antidepressivum echt werkt. Ik had weer vaste grond onder m’n voeten en kon daardoor met vertrouwen verder met m’n therapie.

Een paar maanden geleden merkte ik op dat mijn stemming weer slechter werd. Wist ook wel waarom: veel op m’n bordje gekregen, zoals EMDR en behandelingen bij de angsttandarts. Toen ik merkte dat er weer suïcidale gedachten op kwamen zetten trok ik aan de bel bij de arts. Er werd bloed afgenomen en daarin was te zien dat de spiegel van dit middel vrij laag was. Ik koos voor verhoging.
Dat deden we met een andere vorm van dit medicijn, die gedurende de dag steeds een beetje vrijgeeft. Een retard-middel dus (lees jij dat woord ook altijd op z’n Engels? ;)). Man, wat viel dat slecht! Hevige hartkloppingen, trillen, veel angst en verwarring. Ik mocht het afbouwen en intussen de gewone versie weer opbouwen. In die korte periode maakte ik kennis met hypomanie. Had altijd gedacht dat dat wel fijn zou zijn. Nou nee.

Enfin, ik neem alweer een paar weken de verhoogde dosering en merk nauwelijks verschil. De arts vroeg me in het vorige gesprek na te denken of ik er lithium bij wilde gaan gebruiken, een lage dosering om de ami te versterken.

Nagedacht, overwogen, gesproken met mensen die lithium gebruikt hebben en natuurlijk heel veel opgezocht. Ik ga het niet doen. Naast de impact die het kan hebben op mijn fysiek functioneren (denk aan een schildklier die slechter gaat werken, waar dan ook weer pillen voor nodig zijn), denk ik dat juist de minder schadelijke bijwerkingen mijn kwaliteit van leven aantasten. Moeite met concentreren: dat ken ik heel goed en houdt voor mij in dat mijn grootste passies, lezen & schrijven, haast niet lukken. Het speelt ook een rol in de helderheid van geest. Ik mag dan wel vanalles mankeren op psychisch vlak en me in gesprekken moeilijk uiten, maar m’n grijze massa doet het doorgaans goed en daar ben ik zuinig op.
Nog een bijwerking: trillen, veel trillen en soms ook blijvend zolang je die pillen slikt. En ook daarvan weet ik hoe het voelt en hoe het me beperkt. Ik werk graag met mijn handen en wil dingen als tekenen en fotografie weer oppakken.
Een laaste argument, dat niet bepalend is maar wel heel vervelend: vaak bloed moeten laten prikken. Bij een te lage dosering doet het middel niets en bij een te hoge wordt het schadelijk. Die marge is heel smal. Heb geen moeite met bloedafnames maar wel met de wachtkamer van de huisarts en de discipline om dat met grote regelmaat te doen. Loop ik bij de behandeling van mijn diabetes ook elke keer tegenaan.

Ik merk dat ik op een punt van afwegen ben gekomen. Hoeveel bijwerkingen vind ik acceptabel en weegt het mogelijk positieve effect daar tegenop? En hoeveel somberheid kan ik blijven verdragen? Zijn er andere manieren om minder somber te worden? Ik heb nu een tijdje dit chemische pad gelopen, meerdere paden tegelijk gaat me moeilijk af. En ik loop nu tegen de grenzen op.
Als ik naar binnen kijk zie ik somberheid en een passieve doodswens. Als er een vliegtuig op me neer zou storten zou dat okay zijn. Moet het wel onbemand zijn, redelijk onmogelijk. Een grote drone dan maar. En als ik ernstig ziek zou worden zou ik daar op dit moment niet voor behandeld willen worden. Dat bedoel ik met passief. Want echt suïcidaal ben ik niet. ‘Denken aan’ verschilt wezenlijk van plannen maken en voorbereidingen treffen.

Ik begin binnenkort aan een andere vorm van traumabehandeling en wil de ondersteunende gesprekken met mijn therapeute weer oppakken. En ik denk dat ik de keuze al heb gemaakt om al mijn aandacht daarop te richten. Multidisciplinair behandeld worden (inzet van verschillende methodes tegelijk, zoals pillen+praten+traumabehandeling) vind ik echt heel lastig, maar dat is wel wat vaak het beste werkt. Laat het dan op het vlak van pillen maar rustig worden, dat scheelt al 1 factor.

En ja, ik weet dat er andere vormen van therapie zijn die me zouden kunnen helpen. Die houd ik in m’n achterhoofd omdat ze niet voorhanden zijn in de tweedelijnsinstelling waar ik nu ‘loop’. Het voelt onveilig en ook nog te vroeg om elders extra behandeling te gaan zoeken. Voorlopig ligt hier mijn pad.

woensdag 18 mei 2016

Paniek: een reconstructie

Het is nacht en ik zit op de grond. Brokstukken puin liggen verspreid om me heen. Als de mist van gruis optrekt krijg ik een kort, helder beeld van wat tot dit moment heeft geleid. En wat de aanleiding is.

Een paar weken geleden: ik lees een bericht op twitter, over de red flags omtrent false memories. Ik herken enkele punten in mijn eigen verhaal en stik zowat in mijn woede. Ongeloof is een van mijn grootste pijnpunten, en als die punten aangeraakt worden is er zoveel angst en pijn dat Draak me de touwtjes uit handen neemt. Ze spuwt vuur naar al het gevaar. Ze beschermt wat zo kwetsbaar is. Dit is wat zij erin las, een interpretatie (!) dus, inclusief mijn 'verweer':

Een lange geschiedenis van steeds wisselende therapeuten: check. Alleen al door alle wisselingen binnen een instelling heb ik veel behandelaars gehad, maar ook steeds weer ergens anders aankloppen in de hoop op hulp.
Deelname aan ongesuperviseerde zelfhulpgroepen: check. Het is maar wat je kwalificeert als goede supervisie.
Tegenoverdracht in een therapeutisch contact: check. Tranen bij een therapeut, zelden heeft iemand zo bij me door weten te dringen.
Ambivalente relatie met de dader: check. Ik zag hem dagelijks, zowel thuis als op school. We zaten 'gezellig' naast elkaar op de bank als er een verjaardag gevierd werd.
Oververtrouwd zijn met psychologische terminologie: check. Het ontbreekt mij niet aan interesse voor de werking van de psyche en ja, ik lees boeken. Ik verval in gesprekken, tot mijn eigen ergernis, soms in deze terminologie. Een valkuil waardoor mijn gevoelsleven toegedekt blijft - zelfbescherming.
Vergeten herinneringen: check. Op een andere manier en in een andere fase naar je eigen leven kijken levert soms nieuwe inzichten op - puzzelstukjes die opeens in elkaar lijken te schuiven. Voeg daarbij dat ik (godzijdank) dissocieerde tijdens sommige delen van mijn trauma. Soms komen er flarden herinnering terug, als je er de kracht en ruimte voor hebt.

Draak vuurt wat losse flodders en laat zich daarna in slaap sussen, maar ze slaapt altijd met één oog open.

Als ik in de dagen hierna telkens in mijn agenda zie dat de volgende afspraak bij de angsttandarts nadert, wordt ook dat 'besmet'. Ze keek anders naar me, de laatste keer, ze was minder bezig mijn vertrouwen te winnen/behouden. We gaan tijdens deze afspraak over kosten praten en, oh god, ze denkt dat ik lieg om het vergoed te krijgen. Ik heb immers verteld dat de vorige angsttandarts torenhoge tarieven hanteerde en ik heb laten zien dat ik opgelucht was me nu niet direct in schulden te hoeven steken. Ze gelooft me niet, ik weet het zeker. Dat kan niet anders want veel angst laat ik niet zien. Die verdomde pokerface van mij.

Ik zie op tv iets over EMDR, er wordt een stukje in beeld gebracht. Een man die van top tot teen bibbert en herbeleeft. Samen met wat ik van anderen hoor over hun behandeling doet het me twijfelen aan mezelf. Ik heb in de spreekkamer dit soort dingen niet. Ik doe het fout, ik verspil de tijd van een ander. Ik zie voor me hoe de EMDR-therapeut er eens goed voor gaat zitten en tegen me zegt dat hij open kaart met me wil spelen. "Eerlijk gezegd geloof ik je verhaal niet zo"

De avond voordat ik naar de tandarts moet ben ik alleen; mijn man heeft een slaapdienst. Met heel veel afleiding kom ik vlot het eerste stuk van de avond door, maar het moment van naar bed gaan stel ik uit. Eén level van het spelletje spelen nog, eventjes een rondje social media, heel even roken nog.

Ik hul me in een wolk van rook. En daar is Draak weer. Waar rook is, is vuur. En da's haar terrein. Ik voel haar adem in mijn nek, en hoe goed ze het ook bedoelt: ik word banger en banger. Overal leugens, overal wantrouwen. Geloof ze niet, sist Draak, er komt een moment dat ze je laten zien hoe ze eigenlijk over je denken. Ze geloven je niet. Niemand gelooft jou, en waarom zouden ze ook? Trouwens, klopt het wel wat jij je herinnert? Weet je nog, die psychose die je had en dat gesprek met die verpleger? Die vertelde je dat je geen vier dochters had, dat jij ze niet zojuist vermoord had en dat je zometeen niet voor het vuurpeleton komt te staan. De werkelijkheid kan zomaar opeens kantelen, vertrouw jezelf vooral niet.

Ik ruik vuur. Is er brand in huis? Ik ren de trap op, check de slaapkamers, de badkamer en de zolder. Voel aan spullen of ze al smeulen. Ga elke kamer opnieuw af. Waar zijn de katten? Zijn ze wel binnen, leven ze nog? Ik zie dat ze paniekerig op me reageren en de ene helft van mij weet dat ze gewoon reageren op mijn gejaagdheid, maar de andere helft heeft de overhand. Hun angst is terecht, het is hier niet veilig.

In de slaapkamer stoot ik een stapeltje boeken om. Mijn blik valt meteen op dat ene boek, "Ik heb gelogen". Kan er de ironie wel van zien, maar Draak slaat alarm. Het is een teken. In de verte hoor ik een menigte naderen met hooivorken, leuzen, pek en veren.
Ik weet hoe ik dit kan stoppen. Heb de mesjes nog paraat. Even snijden, een beetje maar. Net genoeg om weer te landen. Maar dan realiseer ik me dat ik geen verband in huis heb en dat ik het bed schoon wil houden. Het mesje laat ik vallen. Ik wil het niet.

Nog één level van mijn spelletje. Mijn planten maken korte metten met zombies en ik speel alle levels na elkaar uit. Zit nog wat suffig te paffen tot ik een van de katten hard hoor krijsen. Ik weet dat het gewoon frustratie is van de kleine dictator omdat hij nog niet naar buiten mag, dat reageert hij af op z'n huisgenoten. Maar de schreeuw is al overgeslagen op mij en ik verdwijn in een draaikolk van rook en vuur.

Heel even sta ik bij het medicijnkastje. Als ik nou dit en dat, maar niet die... nee!
Woest trap ik Draak van me af en ik pak de telefoon. Bel mijn man wakker. Ik bibber van top tot teen en begin te huilen als ik zijn stem hoor. Kom haast niet uit mijn woorden. Help me alsjeblieft, het gaat niet meer.

Samen komen we op adem en ik kalmeer langzaam. Het helpt om even klein en hulpeloos te mogen zijn. Het helpt ook om zelf aan te geven wat ik nodig heb: vertel me hoe laat het is, welke dag, waar jij bent, waar ik ben. Help me te duiden.

Uiteindelijk besluiten we de afspraak te verplaatsen naar een ander moment en het beter voor te bereiden.
Moe slof ik naar de computer om 'm uit te zetten en zie dat er iemand op de vloer heeft gepoept. Wasn't me. Hoop ik.

donderdag 28 april 2016

Anti antidepressiva


HPIM0431
De laatste tijd zie ik in de media veel discussies over antidepressiva. Een (redelijk) inhoudelijke vond ik die in Buitenhof. Ik was het niet per se eens met de meningen, maar het ging in elk geval iets meer in op het ‘waarom’ van de discussie.

Ik ben het ermee eens dat terughoudendheid met voorschrijven een goede zaak is en ik zou ook liever zien dat een huisarts verwijst of overlegt met een psychiater. Nu gebleken is dat antidepressiva weinig doen bij milde tot matige depressies lijkt het me zinnig om goed te kijken naar de aard van iemands depressieve klachten en naar alternatieven te kijken. Sowieso denk ik dat naast pillen (herstelondersteunende) gesprekken echt nodig zijn.

De discussies die ik tegenkom, met name op social media, zijn overwegend negatief van aard. Voor mijn gevoel wordt er voorbij gegaan aan de positieve en zelfs levensreddende kwaliteiten van psychofarmaca in het algemeen en antidepressiva in het bijzonder. Ik was blij met het stuk dat Menno Oosterhof erover schreef.

Als gebruiker van antidepressiva voel ik mij soms weggezet als een mak schaap dat zich vol laat gooien met pillen en zich niet verdiept in wat er nog meer helpt bij depressieve klachten.
Ik ben schaap noch mak. Het opnieuw starten met antidepressiva heb ik in nauw overleg met een GGZ-arts gedaan, die ook de moeite heeft genomen mijn dossier goed te lezen. Zij heeft daarover ook overlegd met een ervaren psychiater.
Mijn vraag was of ik venlafaxine mocht proberen, omdat ik sinds mijn 18e bijna alle SSRI’s (de ‘moderne’ antidepressiva, venlafaxine valt daar ook onder) heb geprobeerd zonder er echt veel baat bij te hebben. Ik gaf ook aan liever geen MAO-remmers of andere zwaardere antidepressiva te willen gebruiken.

De arts overlegde en kwam met het voorstel toch te starten met tricyclische antidepressiva (oudere middelen die al vanaf de jaren ’60 op de markt zijn en vaak niet de eerste keuze zijn vanwege bijwerkingen en giftigheid). Dat was even slikken en ik heb er dan ook even over nagedacht. Een van de bijwerkingen is gewichtstoename en die kan fors zijn. Kijk bijvoorbeeld naar Mike Boddé, die zijn huidige postuur voor een groot deel te ‘danken’ heeft aan medicijnen. Ik heb zelf al overgewicht en heb dat in de afgelopen 10-12jr weten terug te brengen van ‘bijna morbide obesitas’ naar ‘net geen obesitas’.
De argumenten om te kiezen voor dit oudere middel: het werkt op een andere manier en deze twee artsen schatten in dat de kans op verbetering groter was dan met een middel dat erg lijkt op wat ik al geprobeerd heb.

Ik werd niet voor het blok gezet. Zou ook kunnen kiezen uit 2 moderne antidepressiva óf met ondersteuning kunnen wachten op de effecten van de EMDR-behandeling waar ik mee zou starten. Maar ik wilde, nee, kón niet meer wachten. Ik was suïcidaal, wanhopig en wilde, nu ik na jaren ‘stabiliseren’ eindelijk goede hulp had gevonden, mijzelf een laatste kans op verbetering geven. Whatever it takes.
Over een tricyclisch antidepressivum zou ik overigens wel goede afspraken moeten maken. Een overdosis kan leiden tot een langzame en pijnlijke dood (precies de tekst die op mijn pakje shag staat, maar het is me nog niet gelukt om suïcide te plegen met tabak ;) ).

Ik koos voor een tricyclisch middel. En ging in de weken die erop volgden keihard onderuit. Van opgesloten zitten in mezelf ging ik naar jankend wrak. Na 6 weken was de koek op voor mij, en ook voor de arts. Ik kreeg een ander middel uit hetzelfde spectrum. Had niet veel hoop meer, maar ‘whatever it takes’.

Na een week of 4 begon de zware zwarte deken van mijn schouders te glijden. De suïcidaliteit verdween helemaal, ik had weer wat levenslust en merkte dat ik weer belangstelling begon te krijgen in hobby’s en passies. Wel voelde ik me wat ontremd, impulsiever. Maar ook dat verdween geleidelijk. En met deze nieuwe grond onder mijn voeten durfde ik ook te starten met EMDR. Dat had eerder gekund en gemogen, maar ik durfde niet.

Ik heb de afgelopen twintig jaar op en af antidepressiva gebruikt, maar zo’n duidelijk effect heb ik nooit eerder ervaren. Hoopvol toch?

Dat is nu een maand of 10 geleden. De laatste tijd, ik kan niet goed inschatten of ik het dan over maanden of weken heb, voelde ik me zwaarmoediger worden. De gedachten aan zelfdoding kwamen terug en ik heb mezelf een paar keer beschadigd. Nou is er veel gebeurd in mijn leven in die 10 maanden, maar ik wilde dit in ieder geval bespreken met de arts. Ze stelde voor mijn bloed te laten testen om te kijken of de spiegel van mijn antidepressivum goed genoeg was. Dat vond ik fijn, want het is best moeilijk om zelf aan te voelen hoe goed een middel werkt.
De bloedspiegel was laag. We hebben gekozen voor verhoging. Ik zeg hier nadrukkelijk ‘we’. Het contact met deze arts voelt als samenwerking waarin ik de uiteindelijke regie blijf hebben.

Tien dagen geleden gestart met verhogen. In plaats van tabletten nu capsules met een vertraagde afgifte. Dat zou de kans op bijwerkingen door de verhoging moeten verminderen.
Wat heb ik me beroerd gevoeld de afgelopen week! Eerst veranderde mijn smaakbeleving, vond opeens heel veel dingen vies. Ook weinig eetlust. Maar goed, als dat tijdelijk was dan beet ik me er letterlijk wel doorheen. Daarna begon ik me grieperig te voelen, met lichte koorts en een beetje keelpijn. Vanaf dat moment ook steeds angstiger en sinds de paniekaanval die ik gisteren vroeg in de ochtend had gaat mijn hart als een bezetene tekeer. Okay, dacht ik, hier ligt m’n grens.

Vamorgen overlegd met de arts en ze was het met me eens. Vanaf vanavond laten we de ‘gewone’ variant van de pillen er langzaam insluipen. Hoe snel ik daar een positief effect van mag verwachten is niet erg duidelijk. Ergens tussen de 1-6 weken. Ik heb geduld. En mijn gedachten over dood willen, die heb ik op dit moment goed in de hand. Ik laat ze er zijn en spreek ze ook uit. Zodra ze sterker worden en echte impulsen worden trek ik aan de bel.

Ik wil geen zelfmoordpogingen meer doen. Mocht ik ooit besluiten dat ik klaar ben met leven, dan wil ik dat het een weloverwogen keuze is, met respect naar de mensen die ik dan achterlaat. Op dit moment zie ik deze gedachten als een symptoom van mijn depressie.

Ik heb hoop en ben dankbaar dat er antidepressiva bestaan.
En daarnaast zal ik mezelf een flinke schop onder de kont moeten geven om de ondersteunende gesprekken weer aan te gaan.

zaterdag 9 april 2016

Kleine vriendjes


Knuffels, ze zijn er altijd geweest in mijn leven. Vertrouwde kleine vriendjes om mee te spelen, om van te houden, om houvast bij te vinden. De foto hierboven is uit mijn Monchichi-tijdperk, de aapjes die je misschien nog wel kent uit de jaren ’80. Elke avond wenste ik ze welterusten en sloot ik ze allemaal in mijn armen om samen met ze in slaap te vallen. Allemaal behalve eentje: dat was een opa-aapje met een pijp. Die was niet zo van het knuffelen.

Mijn tante schreef in mijn poesiealbum een versje waarvan ik me nog 1 regel herinner: “voor knuffels groot en klein / moet je bij Marijke zijn”. (inderdaad, Xamantha is een alias)
Ik heb zelfs ooit een asiel opgezet voor zielige knuffels, eigenlijk met het doel een nieuw huisje voor ze te zoeken, maar ze bleven allemaal bij mij wonen. Een knuffel-hoarder was ik. Ben ik. Nog steeds. Als er in een winkel knuffels zijn dan ga ik ze altijd even begroeten. Mijn partner kijkt er allang niet meer van op.

Je vraagt je misschien af waarom ik hier een blog over schrijf?
Omdat knuffels ook in mijn volwassen leven een belangrijke rol hebben, vooral ’s nachts als er dromen en demonen op de loer liggen. Slapen is voor mij niet vanzelfsprekend en het helpt een klein beetje om dan iets zachts in mijn armen te hebben. Nou is mijn partner ook heel zacht door zijn lange haar, maar hij beweegt teveel. En onze katten zijn er ook niet van gediend om een hele nacht in liefdevolle wurggreep gehouden te worden.

Ik wil je voorstellen aan de knuffels die op dit moment een rol spelen in mijn leven en helingsproces.



knufgoliath
Dit is Goliath. Ik kreeg hem op mijn 17e (of 16e?) verjaardag van mijn toenmalige vriend. Hij draagt een herinnering aan een brief van die vriend. Ik had hem met pijn en moeite in een brief verteld over mijn misbruikverleden en de nachtmerries die ik had. Tekening erbij van een slapend meisje met grote zwarte vogels cirkelend boven haar hoofd.
Hij schreef me terug dat hij de ziel van een kat had en me altijd zou beschermen tegen de vogels.
Goliath verhuisde mee naar elk tijdelijk adres waar ik daarna verbleef en was mijn constante factor in de jaren van gillende gekte, crisisopnames, huiselijk geweld en heel veel onveiligheid. Wat niemand ooit opgemerkt heeft is dat hij in zijn buik een geheime bergplaats voor scheermesjes, hechtpleisters en pillen had – mijn andere houvast. Nu zit er een krachtsteen in zijn buik, een carneool.





knufdemon
Dit monstertje heeft geen naam, maar des te meer betekenis: hij staat symbool voor de demonen waar ik tegen vecht. Hij zit in mijn tas als ik een EMDR-sessie heb. Zijn aaibare verschijning (hij is echt superzacht) herinnert me eraan dat de monsters lang niet zo eng zijn als ik vaak denk. Misschien is dat ook wel mijn doel, dat de demonen krimpen tot herinneringen die me niet meer de stuipen op het lijf jagen.
Hij heeft trouwens een broertje dat groen en vrolijk is. Die woont bij een dierbare vriend.


knufdraak
Dit draakje heet gewoon Draakje. Ik heb hem gekocht na een bezoek aan de angsttandarts (daarover spoedig ook een blogpost) en ook hij is een tasbewoner, speciaal voor die heftige dagen dat ik een buitenstaander moet toelaten in de kwetsbaarheid van mijn mond. Op alle andere dagen staat hij, net als het monstertje, dicht bij mijn ‘altaartje’ in de huiskamer. Om kracht op te doen.
Zijn blik is nu nog heel triest, maar zijn camouflagevacht verraadt zijn vechtlust. Eens gaat hij zijn vleugels uitslaan en misschien zit er dan ook een ooglidcorrectie voor hem in…


knufpeter
Dit vosje heb ik gisteren gekocht toen ik op weg was naar een gesprek met de GGZ-arts. Pas toen hij in m’n tas zat kwam de associatie met dhr de Vos in me op, de arts die het gezicht is geworden van vele jaren waardeloze ‘zorg’ in de instelling waar ik eindelijk bij weg ben. Riep een gevoel van triomf op, want ook al gaat het momenteel bepaald niet goed met me – ik heb nu wél betrokken en betrouwbare hulpverleners om me heen. En met dat gevoel vind ik het prima om deze vos Peter te noemen.
Peter heeft een kruikje in zijn buik, met kersenpitten en lavendel. Het leek me troostend en kalmerend, misschien zelfs slaapbevorderend. Vannacht sliep hij in mijn armen. Ik sliep niet, maar vond het wel een heerlijk gevoel om zo’n warm diertje tegen mijn borst te voelen.
En daar kwam het meisje van de eerste foto weer bij naar boven: ik vond het zielig voor mijn vaste slaapmaatje. Past prima hoor, twee knuffels in bed. Partner past er nog net bij ;)

zondag 21 februari 2016

Verwerking verwerken

Vrijdag een constructief gesprek gehad met mijn EMDR-therapeut, over even pauze nemen van deze pittige en toch wel belastende therapie. Ik was er zelf al wel mee bezig geweest, maar vond dat ik na 3 afgezegde/verschoven afspraken (2x door ziekte, 1x omdat ik teveel weerstand voelde) mijn pauze al wel gehad had. Kom maar op, ik ga er weer voor, was de gedachte waarmee ik deze sessie in ging. En met dat besluit trad een mechanisme in werking dat me inmiddels redelijk vertrouwd is: mijn hoofd, lijf en droomwereld komen met materiaal om mee aan de slag te kunnen. Deze keer was dat een traumafragment over vieze sporen van de dader in mijn meisjeskamer.

Het bleef even stil in de spreekkamer toen de koffie gehaald was en we elkaar begroet hadden. Ik zag dat hij nadacht en weerstond de impuls om de stilte op te vullen. Dacht zelf ook na, werd onrustig.
Hij vroeg naar het laatst behandelde fragment, dat binnen 1 sessie van heel heftig naar kalm gegaan was. Ik vertelde dat het thuis nog even opgevlamd was maar daarna weer rustig werd. Geen behoefte om er op dit moment mee verder te gaan.
Ik vertelde ook dat ik de laatste afspraak af had gezegd omdat ik zoveel weerstand voelde. Schaamde me daar een beetje voor, was stiekem ook een beetje bang voor een standje - een souvenir van het jarenlange 'als je je slecht voelt moet je juist komen'. Een souvenir dat ik overigens steeds gemakkelijker van me af kan schudden; ik vertrouw deze therapeut en de visie van deze instelling. En, belangrijker, zelf vind ik ook dat ik mijn gevoel serieus mag nemen. Ik begin een verschil te zien tussen vermijding en een waarschuwing aan mezelf.

Een belangrijk signaal, zei de therapeut, goed dat je er naar geluisterd hebt. Is het misschien een idee om even gas terug te nemen?
Ik ja-maarde, zat daar immers met een zeer levendig fragment, klaar om het aan te gaan. Vertelde ook dat dit telkens gebeurt voorafgaand aan een sessie. Volgens mij vond hij dat niet heel vreemd.
De gedachte aan pauze maakte ook iets in me los. Een gevoel van intense vermoeidheid, strijdend met de angst om de therapie waar ik zo lang op gewacht had, weer kwijt te raken.
Met de geruststelling dat ik de sessies op elk moment weer op zou kunnen pakken kwamen we tot het plan om het een weekje aan te kijken. Te zien of dit fragment weer tot rust komt of dat ik er juist meer last van krijg.

Thuis ben ik er direct over gaan schrijven. Dat is mijn manier om mijn gedachten te onderzoeken en meer helderheid te krijgen. En natuurlijk praatte ik er ook over - 's avonds met Albert en de volgende dag met mijn broer. De vermoeidheid wordt steeds duidelijker. Overigens is het fragment waarmee ik de spreekkamer in ging ook nog erg aanwezig.
Iets 'aanzien', geduld opbrengen en onduidelijkheid, onzekerheid verdragen vind ik ontzettend lastig. Inmiddels zelfs lastiger dan pijn en negatieve emoties verdragen.

Laat ik maar afgaan op het vertrouwen dat ik heb in mijn behandeling (bovenstaande foto zegt alles) en op de woorden van een vriendin: ook met kleine stapjes kom je er.
Misschien is het inderdaad wel tijd om mijn draagvlak wat herstel te gunnen en te verwerken hoe ontzettend veel scherven ik de laatste maanden op heb kunnen rapen. De verwerking verwerken.